ANP

542.000 ouders of verzorgers kregen vorig jaar kinderopvangtoeslag, 42.000 meer dan in 2015. Dat meldt het CBS. Sinds de invoering van de Wet op de kinderopvang in 2005 lag het aantal niet zo hoog.

De Belastingdienst keerde vorig jaar voor 823.000 kinderen de toeslag uit. In 2015 waren dat er nog 764.000. De stijging komt voor een deel door de omvorming van peuterspeelzalen naar kinderopvanglocaties.

Dagopvang

De meeste toeslag wordt uitgekeerd voor de dagopvang. Daar brengen kinderen de meeste tijd door. In 2015 verbleven kinderen gemiddeld 730 uur in de dagopvang en 370 uur in de buitenschoolse opvang.

Kinderen in de Randstad brachten de meeste tijd door in de dagopvang. In Noord-Holland, Zuid-Holland en Utrecht gemiddeld meer dan 800 uur. In de gemeenten Naarden, Amsterdam, Wassenaar, Amstelveen, Den Haag en Rotterdam was dit meer dan 1000 uur.

Ouders in Drenthe, Overijssel, Friesland en Zeeland maken het minst intensief gebruik van kinderopvang, gemiddeld minder dan 600 uur.

Nieuwe regels

Ouders gaven vorig jaar gemiddeld bijna 1800 euro per jaar uit voor de opvang van een kind. Dat is 32 procent van de totale kosten en overeenkomstig het uitgangspunt van de wet uit 2005: ouders, overheid en werkgever betalen ieder een derde deel van de opvang.

Kinderopvangverblijven verwachten dat de tarieven volgend jaar stijgen. Dat komt door nieuwe regels, die onder meer voorschrijven dat er per kind meer toezicht komt. Heidi Knol van de Brancheorganisatie Kinderopvang: "We hebben onderzoek gedaan naar hoe de nieuwe regels uitpakken. Ik verwacht dat de tarieven 7,5 procent stijgen."

BOinK, de organisatie die opkomt voor ouders met kinderen in de opvang, zegt dat de overheid voor de extra kosten moet opdraaien. Gjalt Jellesma: "Ik ga ervan uit dat de ouders er niets van merken."

STER reclame