Getty Images

De organisatie van olieproducerende landen, de OPEC, is het eens geworden over het beperken van de olieproductie.

Voor het eerst sinds 2008 spreken de landen af om de productie te verminderen. Nu worden er dagelijks 33,7 miljoen vaten ruwe olie opgepompt. Dat moeten er 1,2 miljoen minder worden. Vanaf januari mogen er maximaal 32,5 miljoen vaten per dag op de markt komen.

Saudi-Arabië, de grootste producent binnen OPEC, zal 486.000 vaten in mindering brengen. Iran, ook een speler van formaat, hoeft met bijna 4000 vaten juist nauwelijks in te leveren. Het land herstelt nog van de economische sancties die tot begin dit jaar van kracht waren.

Ook Venezuela, dat in een economische crisis is verwikkeld, en Irak, dat vecht tegen IS, doen mee aan de deal. Zij hebben de inkomsten van de productie hard nodig, maar geven nu wat inkomsten op in de hoop een hogere prijs te kunnen vangen voor hun olie. Indonesië was daartoe niet bereid en heeft het lidmaatschap van de OPEC tijdelijk opgezegd.

Prijs aan de pomp

Ook een aantal landen dat niet bij OPEC is aangesloten, zoals Rusland, helpt mee bij de productievermindering. Rusland zal bijvoorbeeld het equivalent van 300.000 vaten olie per dag in de grond laten zitten.

Na de eerste berichten over een deal schoot de prijs van ruwe olie omhoog, met meer dan 8 procent. Een vat ruwe olie kost nu zo'n 50 dollar. De OPEC wil met de productiebeperking de prijs van een vat olie optrekken naar 60 dollar. Als dat lukt worden op termijn ook de brandstofprijzen aan de pomp hoger.

STER reclame