RTV Oost

De rechtbank heeft duidelijk een voorbeeld willen stellen door vijf mannen uit Enschede zware straffen op te leggen voor 'brandstichting met een terroristisch oogmerk' bij een moskee. Zo ziet professor Ferry de Jong, hoogleraar strafrecht in Utrecht, de rechtelijke uitspraak van vandaag.

Het vijftal werd veroordeeld tot een celstraf van vier jaar waarvan een jaar voorwaardelijk, en bij één veroordeelde twee jaar voorwaardelijk omdat hij als enige spijt heeft betuigd. "Ik kan moeilijk beoordelen of die straf heel hoog is of niet. Er zijn namelijk nauwelijks vergelijkbare zaken geweest in Nederland", zegt De Jong. "Maar ik verwacht dat de strafmaat vergelijkbaar zou zijn geweest bij islamitische terreurverdachten."

'De mannen in Enschede hadden een terroristisch oogmerk'

Het feit dat de rechtbank in Almelo dezelfde straf heeft opgelegd als het Openbaar Ministerie had geëist, noemt De Jong echter veelzeggend. "Daaruit concludeer ik dat er een voorbeeldzaak van is gemaakt."

"Doorgaans is er veel aandacht voor moslimextremisme. In dit geval worden blanke mannen als terrorist gekwalificeerd en de rechtbank heeft duidelijk willen maken dat dit in de strafbepaling even ernstig wordt genomen."

Voor brandstichting staan bepaalde straffen. Als daar een 'terroristisch oogmerk' aangeplakt kan worden, worden die straffen automatisch hoger. "Maar ook uiteindelijke schade en slachtoffers worden meegerekend, evenals de schok die een daad in de samenleving heeft veroorzaakt."

Knullig

Dat de brandstichting nogal amateuristisch werd uitgevoerd, doet volgens de rechtbank niets af aan de aard van de daad. "En dat is natuurlijk ook zo. Hoe knullig ook, het maakt het karakter van de daad niet minder serieus. En naar de letter van de wet is kennelijk het oogmerk van de daad bewezen verklaard", stelt de Utrechtse hoogleraar. "Bovendien zijn er blijkbaar ook extreem-rechtse uitingen van de veroordeelden gevonden die dat oogmerk nog hebben versterkt." 

STER reclame