'Cijfers discriminatie moslims topje van de ijsberg'

Een vrouw draagt een hoofddoek ANP

Discriminatie van moslims komt in de regio Rotterdam veel vaker voor dan blijkt uit de officiële cijfers van de politie en anti-discriminatiebureaus. Dat constateert het Spior, de koepel van islamitische organisaties in Rotterdam-Rijnmond, na onderzoek onder moslims.

In 2015 en het eerste kwartaal van 2016 zijn bij de politie 41 meldingen gedaan en bij het Rotterdamse antidiscriminatiebureau Radar 44. Bij het Spior zelf kwamen door het onderzoek 174 extra meldingen binnen.

Het Spior wilde weten of de officiële registratiecijfers bij de politie en anti-discriminatiebureaus overeenkomen met de ervaringen van moslims. Via een meldlijn, een campagne op sociale media en een enquête bij moskeeën en islamitische organisaties wilde het Spior meer zicht krijgen op discriminatie van moslims. Uit het onderzoek blijkt dat moslims weinig melding maken van wat hen is overkomen, vaak vanwege een gebrek aan vertrouwen in instanties.

Hoofddoek

Vooral vrouwen met een hoofddoek zijn volgens het Spior het slachtoffer van discriminatie of geweld. Bij ruim 10 procent van de incidenten waren jonge kinderen direct betrokken of getuige van het incident. Bij een kwart van de incidenten waren de daders bekenden van het slachtoffer, bijvoorbeeld collega's of schoolgenoten.

Directeur van het Spior Marianne Vorthoren vindt het belangrijk dat moslims melding maken van discriminatie. 'Het is voor de betrokkenen van belang omdat ze dan ook hulp kunnen krijgen bij eventuele juridische stappen.

Ook is het van belang dat dan de aard en omvang van het probleem duidelijk worden, zodat het onderwijs bijvoorbeeld daarmee aan de slag kan', aldus Vorthoren.

STER Reclame