Bijna een op de acht kinderen groeit op in gezin met laag inkomen

In Rotterdam leeft één op de vier kinderen in een gezin met een laag inkomen ANP

In 2014 leefden 421.000 kinderen in een gezin met een laag inkomen, meldt het CBS. Ze moeten van zo weinig geld rondkomen, dat bijvoorbeeld nieuwe kleren, op vakantie gaan, sport en muziekles voor hen niet vanzelfsprekend zijn. Dit komt neer op 12 procent van de kinderen. Van hen waren er 131.000 die al vier jaar of langer in zo'n situatie zaten.

Het aantal arme gezinnen stijgt sinds 2010, toen de gevolgen van de economische crisis goed merkbaar werden. In de jaren daarvoor was er een daling. Het aantal kinderen dat van een laag inkomen moet leven is nu terug op het niveau van 2005.

1920 euro per maand

Het CBS spreekt zelf niet over 'armoede', omdat dat een subjectief begrip is en omdat er veel afhangt van persoonlijke omstandigheden. In plaats daarvan gebruikt het CBS termen als 'een laag inkomen' of 'kans op armoede'. De grens is afhankelijk van de gezinssamenstelling: voor een stel met twee kinderen lag de lage-inkomensgrens in 2014 op 1920 euro netto per maand.

Van de kinderen die moeten leven van een laag inkomen kan 66 procent niet minimaal één week op vakantie en krijgt 51 procent niet regelmatig nieuwe kleren. Sport of muziekles is voor 32 procent onbereikbaar

CBS

Rotterdam

Het CBS bracht ook de verschillen per provincie in kaart. De 'rijkste' provincie is Utrecht (9,9 procent van de kinderen leeft daar van een laag inkomen), de 'armste' is Zuid-Holland (14,5 procent). In Rotterdam is het probleem het grootst: daar gaat het om één op de vier kinderen.

Als de bevolking wordt verdeeld naar herkomst, zijn de verschillen nog groter. Van alle kinderen met een niet-westerse achtergrond moet 33 procent rondkomen van een laag inkomen. Dat aantal is vier keer zo hoog als in autochtone gezinnen.