Marion Koopmans NOS

Alles welbeschouwd weten we nog niet wat er precies gaande is bij de uitbraak van het zikavirus in Latijns-Amerika. Dat zegt Marion Koopmans, hoogleraar en hoofd virologie van het Erasmus MC. Er loopt een reeks onderzoeken die meer duidelijkheid moeten brengen.

Zolang er zo veel onduidelijkheid is, is het heel lastig om zwangere vrouwen te adviseren. "Het kan zijn dat de Wereldgezondheidsorganisatie nu met een duidelijk advies gaat komen", zegt Koopmans, "maar dat is nog even afwachten."

Meer controle

Iedere zwangere vrouw die is blootgesteld aan het zikavirus moet in ieder geval vaker worden gecontroleerd, "zolang de verdenking van een verband tussen zika en de aangeboren hersenafwijking microcefalie er ligt", aldus Koopmans. 

Een van de belangrijkste vragen is waarom zika in korte tijd zo veel verschillende landen in Latijns-Amerika treft. "We kennen zika uit Afrika en uit Azië", zegt Koopmans. "Het lijkt erop dat er iets is veranderd tussen de Afrikaanse en de Aziatische virusstam, waardoor het virus zich nu veel sneller verspreidt."

Verkeerde maat

Het is maar één van de vele onduidelijkheden. De link tussen het zikavirus en de aangeboren hersenafwijking microcefalie werd met name in het noordoosten van Brazilië gelegd. Daar werden volgens de berichten opmerkelijk veel baby's geboren met een te kleine schedel, waardoor de hersenen te weinig ruimte hebben om uit te groeien.

"Bij het meten van de schedelomtrek van die baby'tjes werd uitgegaan van 33 centimeter als goede maat. Een geringere omtrek werd als afwijking gezien. Maar 33 centimeter bleek als maat niet te deugen. De WHO hanteert 32 centimeter."

Een derde

Koopmans vertelt dat uiteindelijk een groep van 800 baby'tjes nauwkeurig bekeken is. "Ongeveer een derde deel van die groep had microcefalie, maar dat kan door allerlei oorzaken komen."

Er zijn ook deelstaten in Brazilië waar zika wel voorkomt, maar microcefalie nauwelijks. "Letten ze daar niet goed op of komt het er echt bijna niet voor? En zo ja, waarom is dat dan?"

Hoe vaak?

Volgens de Amerikaanse gezondheidsautoriteit CDC komt microcefalie in de VS voor bij tussen de twee en twaalf levend geboren kinderen per 10.000. In Nederland lopen de schattingen uiteen. De Hersenstichting vermeldt op zijn website dat tussen de 1 op de 1300 en 1 op de 6000 levend geboren baby's microcefalie heeft.

Ín Brazilië worden jaarlijks ongeveer anderhalf miljoen kinderen geboren. "We weten niet hoeveel van de moeders van die baby's een zikabesmetting hebben gehad tijdens hun zwangerschap", zegt Koopmans. "Er zijn intussen allerlei studies gaande, maar het vraagt tijd voor we de uitkomsten daarvan hebben." 

Polynesië

In 2007 is er een grote zika-uitbraak geweest in Polynesië, een eilandengroep ten oosten van Australië. Koopmans vertelt dat in studies naar die uitbraak het aantal besmettingen uiteenloopt van 10 procent van de bevolking tot ongeveer driekwart op één bepaald eiland. In 2014 bereikte zika een eiland in Frans Polynesië.  "Daar is achteraf ook de link met microcefalie gelegd."

Op de plank

De WHO werkt op dit moment aan een plan om beter voorbereid te zijn op uitbraken van ziekten als ebola, MERS, en zika. Dat is een uitvloeisel van alle kritiek die de organisatie over zich heen kreeg na de trage reactie op de ebola-uitbraak in West-Afrika. 

Het komt erop neer dat de WHO fondsen moet gaan verzamelen om te kunnen bijdragen aan de ontwikkeling van vaccins tegen ziekten waarvan een uitbraak te voorzien is. Zo kan er een vaccin klaarliggen als zo'n uitbraak zich voordoet, in plaats van dat het nog ontwikkeld moet worden. Dat was met ebola het geval en nu met zika ook.

Het plan moet in mei worden voorgelegd aan het parlement van de organisatie.

STER reclame