Een migrant is met zijn kind op weg naar Servië AFP

Al weken wachten Kroatië, Servië en Slovenië op dekens, stapelbedden en toiletblokken om vluchtelingen op te vangen, maar slechts een fractie van de gevraagde spullen wordt ook daadwerkelijk aangeboden en geleverd. Slechts elf EU-landen hebben tot nu toe een concrete bijdrage geleverd. Dat blijkt uit een inventarisatie van de Europese Commissie.

Uit de lijst blijkt bijvoorbeeld dat Servië op 21 september heeft aangegeven een tekort te hebben aan 170 tenten, drieduizend stapelbedden, 50.000 wegwerpregenjassen en 27 mobiele douches. Geen van die artikelen is aangeboden. Geen enkele EU-lidstaat heeft aangeboden deze goederen te leveren.

Wel zijn er matrassen, dekens en slaapzakken geleverd. Maar vaak wordt het gevraagde aantal niet gehaald. Nederland heeft bijvoorbeeld tien mobiele lichttorens geleverd aan Slovenië, terwijl dat land heeft aangegeven er honderd nodig te hebben.

5,6 miljard euro

Ook de financiële bijdragen van de EU-landen blijven ver achter bij wat EU-regeringsleiders eerder afspraken (op 23 september). Voor het Afrika Trust Fonds en het Syrië Trust Fund is bij elkaar 5,6 miljard euro nodig. De helft daarvan komt uit de lopende EU-begroting, de andere helft moeten de EU-lidstaten opbrengen. Maar slechts een paar landen komen met concrete bedragen over de brug.

Nederland heeft 15 miljoen euro beschikbaar gesteld voor het Afrika Trust Fund en is daarmee een van de grootste donateurs.

Extra vergadering

In Brussel komen de EU-migratieministers vanmiddag bijeen om te praten over de praktische uitwerking van de verschillende maatregelen om de vluchtelingencrisis aan te pakken. Het is een extra vergadering die bedoeld is om landen op hun verantwoordelijkheid en eerdere beloften te wijzen.

Vooral het optuigen van de zogenoemde hotspots en de herverdeling van 160.000 vluchtelingen uit Italië en Griekenland gaat traag. De migratieministers proberen vandaag verdere afspraken te maken over de praktische uitvoering.

STER reclame