Zoon van verzetsheld krijgt na 71 jaar alsnog afscheidsbrief

Familie Will
Geschreven door
Pauline Broekema
Verslaggever

Hij moet er nog van bijkomen. Dat hij vandaag voor het eerst de afscheidsbrief onder ogen kreeg die zijn vader 71 jaar geleden in Kamp Amersfoort schreef. De 92-jarige Bert Will: "Het is heel emotioneel. Voor mij is het een beleving waar ik de tijd voor moet nemen. Ik blijf de brief voorlopig lezen en herlezen."

De brief en enkele foto’s werden de Nijmeegse verzetsman Peter Will afgenomen toen hij in oktober 1944 vanuit Amersfoort in concentratiekamp Neuengamme aankwam. Ze zaten in zijn portefeuille. De eigendommen worden bewaard in de archieven van ITS, de International Tracing Service in het Duitse Bad Arolsen.

Onlangs begon het archief met het online zetten van documenten en foto’s van bezittingen van gevangenen die het reusachtige archief bewaart. Dit in de hoop ze ooit terug te kunnen geven aan families.

Foto's uit de portemonnee van Peter Will Familie Will

Nadat het Journaal er afgelopen zaterdag aandacht aan besteedde, wordt de site van ITS druk bezocht. Zozeer zelfs dat de website na de uitzending enige tijd onbereikbaar was. Enkele nabestaanden hebben al voorwerpen en foto’s van een omgekomen familielid teruggevonden.

"Een mevrouw uit Heerenveen nam contact met ons op. Zij vond uit dat de met potlood geschreven brief van mijn opa moest zijn", vertelt kleinzoon Tjebbe Will. "Daarna was iedereen bij ons in de familie in rep en roer."

Zoon Bert en kleinzoon Tjebbe Familie Will

Peter Will (1896) is keurmeester in het slachthuis in Nijmegen. Met vrouw en zes zonen woont hij aan de Bredestraat. Bert is de oudste. "Mijn vader had vroeg door dat het in Duitsland mis ging. In 1935 waarschuwt hij al voor het gevaar van het nationaalsocialisme." Hij schetst zijn vader als een mens met een groot rechtvaardigheidsgevoel. Peter Will verspreidt tijdens de bezetting de illegale krant Trouw, helpt onderduikers en geallieerde piloten.

In de nacht van 1 op 2 december 1943 wordt Peter Will gearresteerd. In mei 1944 wordt hij overgebracht naar kamp Amersfoort. En van daar gaat hij door naar Neuengamme. Vlak voor de bevrijding moet hij ziek en uitgeput op transport naar Bergen-Belsen. Tussen 13 en 18 april is hij onderweg gestorven. Hij ligt begraven op het Ereveld Loenen.

De brief die op de site van ITS staat, is door de familie inmiddels ontcijferd en uitgetypt. Hij getuigt van een sterk godsvertrouwen. Bert Will: "Ik heb een beetje spottend tegen mijn kinderen gezegd dat in de brief wel de Tale Kanaäns wordt gesproken." De verzetsman is gereformeerd en vraagt zijn vrouw en kinderen hun geloof in God nooit los te laten. "Geloof slechts in Zijn zaligheid, dat spaart je voor veel ellende."

Familie Will

Peter Will schrijft de brief aan de vooravond van zijn vertrek uit Amersfoort. "Als je dit briefje ontvangt, zijn we op weg, waarschijnlijk naar Duitsland, maar we weten het niet. Het is wel een tegenvaller, daar we gehoopt hadden spoedig thuis te komen en het verlangen naar huis erg was…"

De verzetsman houdt er duidelijk rekening mee dat hij zijn vrouw en kinderen nooit meer ziet. Hij geeft zijn vrouw adviezen voor de opvoeding van de jongens. Hun foto’s bewaart hij in zijn portefeuille. Een rijtje van zes jongens. De langste is Bert, die zich herinnert hoe zijn moeder er na de oorlog alleen voor stond. 

Als je dit briefje ontvangt zijn we op weg, waarschijnlijk naar Duitsland, maar we weten het niet.

Peter Will

"Dat is voor mijn moeder een verschrikkelijke opgave geweest." Pas in de jaren 60 krijgt ze meer duidelijkheid over wat er met haar man is gebeurd. Kleinzoon Tjebbe: "Ze heeft nog heel lang 's avonds zijn sloffen voor hem klaar gezet."

Tot spoedig

Bert zegt dat zijn moeder nooit afscheid heeft kunnen nemen. Dat brak haar op, denkt hij. Zelf had hij er ook last van. Dat is wat hij "het probleem" noemt. "Nu ik de brief heb, merk ik dat ik altijd met dat probleem ben blijven lopen. Zodra het in mijn leven schudde of kraakte kwam dat ene weer boven."

Met de vondst van de afscheidsbrief is er rust. Die brief die hij maar blijft lezen. Zijn vader die hem schrijft: "Allen in gedachten stevig omhelsd en vele groeten aan allen. In Gods hoede toevertrouwd. Tot spoedig. Je man en vader Peter."

STER Reclame