Marieke de Vries/NOS

De aardbeving en tsunami die in 2011 de oostkust van Japan troffen kostten aan zo'n 25.000 mensen het leven. Wij herinneren die periode vooral door de kerncentrale in Fukushima die op instorten stond, met alle gevaren van dien. Voor de bewoners van het getroffen gebied was het het einde van het leven zoals ze dat tot dan toe gekend hadden.

Souvenirwinkeltje

Het stadje Rikuzentakata werd bijvoorbeeld weggevaagd. Ooit had het een levendig centrum en een van de mooiste stranden van Japan, waar duizenden pijnbomen aan stonden. Nu staat er nog maar één en omdat die het overleefde wordt hij 'de boom van hoop' genoemd.

De boom is het symbool van Rikuzentakata geworden. In het souvenirwinkeltje ertegenover worden sleutelhangers en armbandjes verkocht die, zo wordt gezegd, van het hout van de omgevallen pijnbomen zijn gemaakt. 

Ik zou best willen blijven, maar is er geen werk. Als er in de toekomst werk is, kom ik zeker terug.

Naoto Takashi, een jongere uit Rikuzentakata

Ja, een souvenirwinkeltje, want Rikuzentakata is een toeristische trekpleister geworden. Er staan ruïnes van de tsunami, zoals een appartementencomplex, waarvan de onderste vijf verdiepingen grotendeels verwoest zijn en de zesde nog intact is. Zo is goed te zien tot hoe hoog de tsunami kwam.

Rikuzentakata wordt weer opgebouwd na tsunami van 2011

De boom en ruïnes blijven staan om te worden opgenomen in een Memorial Park, ter nagedachtenis aan de ramp. Waarschijnlijk is dat iets dat het stadsbestuur heeft afgekeken van Hiroshima, waar het gebouw waarboven de atoombom ontplofte jaarlijks honderdduizenden toeristen trekt. Die toeristen brengen geld in het laatje, geld dat Rikuzentakata hard nodig heeft, want veel werk is er niet.

Daardoor trekken veel jongeren weg. Zo ook Naoto Takashi. We treffen hem aan op de begraafplaats bij een boeddhistische tempel op een berg. Hij brandt wierook bij het graf van zijn oma, moeder en broer, die hij allemaal verloor. "Ik zou best willen blijven", zegt hij. "Maar er is geen werk. Als er in de toekomst werk is, kom ik zeker terug."

Revolutionair plan

Japanners hebben een sterke band met de plaats waar hun voorvaderen vandaan komen. Om die reden willen velen in Rikuzentakata blijven. 

Het stadje wordt daarom tien meter opgehoogd om de bewoners voortaan te beschermen tegen een tsunami. De grond wordt met lopende banden uit de bergen aangevoerd. Het plan kost honderden miljoenen, maar de vraag is of er genoeg werk is om jonge mensen terug te laten komen naar Rikuzentakata.

We hopen dat jonge mensen hier komen studeren hoe ze een ramp kunnen voorkomen.

Burgemeester Futoshi Toba van Rikuzentakata

"We willen ons in de toekomst richten op 'uitwisselings-bevolking'", zegt burgemeester Futoshi Toba, die zijn vrouw verloor tijdens de ramp. 

"We willen een rampenpreventie-centrum opzetten en hopen dat jonge mensen hier komen leren hoe ze een ramp kunnen voorkomen en die kennis mee naar huis nemen. We zijn nu in gesprek met de Japanse regering en met professoren om zo'n stad mogelijk te maken."

De ophoging van de stad en de inrichting van het Memorial Park moeten rond 2018 klaar zijn.

STER reclame