NOS

Al meer dan een maand reizen de Syrische documentairemaakster Razan (20) en de Syrische arts Bilal (29) door Nederland. Ze zijn beiden gevlucht uit Damascus. Bilal is hier met zijn zwangere vrouw, Razan met haar vader. Al weken worden ze van de ene noodopvang naar de andere gebracht.

Bij aankomst in Nederland half september moeten ze, net als alle andere vluchtelingen, naar Ter Apel. Daar worden hun namen genoteerd en krijgen ze polsbandjes met daarop de datum dat ze in Nederland zijn gearriveerd. Vervolgens gaan ze op de bus naar de crisisopvang in Zeist; daarvoor krijgen ze een tweede polsbandje met de locatie erop.

In Ter Apel is het te druk om iedereen helemaal te controleren, laat staan een asielverzoek in behandeling te nemen. Daarom gaan de vluchtelingen eerst naar een noodopvang. Het streven is ze daar zo kort mogelijk op te vangen en daarna de asielprocedure in gang te zetten. Ze kunnen dan naar een asielzoekerscentrum, waar ze wel langer kunnen blijven.

Van opvang naar opvang

In de praktijk blijkt dat mensen soms weken van noodopvang naar noodopvang worden gesleept. Ze weten niet waar ze aan toe zijn omdat er geen medewerkers van het Centraal Orgaan opvang asielzoekers (COA) of de Immigratie- en Naturalisatiedienst (IND) bij de crisisopvang zijn. Soms gaan ze met de hele groep verder, soms worden ze opgesplitst. Ze horen van mensen die later dan zij in Nederland zijn binnengekomen dat ze wel al zijn geregistreerd. 

Een arm vol polsbandjes als symbool voor de reis langs noodopvanglocaties

Een maand geleden stelde de gemeente Zeist als één van de eerste gemeenten een sporthal beschikbaar. Aanvankelijk was dat voor 72 uur. Uiteindelijk verbleven 140 vluchtelingen, waaronder Bilal en Razan, daar veertien dagen, omdat de gemeente de opvang enkele keren verlengde. Vrijwilligers gaven hulp.

Op vrijdag 2 oktober stonden bussen klaar om de groep naar een nieuwe tijdelijke opvanglocatie te brengen in Hardenberg. Dit keer was het een beurshal. Ook daar ontfermden vrijwilligers zich over de vluchtelingen. 

Opgesplitst

In Hardenberg werden niet alleen vluchtelingen uit Zeist opgevangen, maar ook mensen die in Valkenswaard in een crisisopvang hadden gezeten. Na een week moesten ze weer weg. De mensen uit Zeist gingen naar de IJsselhallen in Zwolle, die uit Valkenswaard naar Dordrecht.

In Zwolle werden ook Razan en Bilal, die tot die tijd samen in de opvang zaten, van elkaar gescheiden. Razan en haar vader gingen naar een sporthal in Hasselt, Bilal naar een sporthal in Vriezenveen.

De twee werden radeloos. Geruchten sijpelden door over een sober asielbeleid. Wat betekende dat voor hen? Hoe lang zou het nog duren voor ze in de asielprocedure kwamen? Om hen heen verlieten andere asielzoekers de opvang. Volgens Bilal is de helft van de mensen uit Zeist inmiddels naar een ander land vertrokken.

Vergeten

Kennissen van Razan die op een andere plek later in Nederland zijn binnengekomen hebben wel al vingerafdrukken afgegeven, iets wat bij hen tot nu toe nog niet is gebeurd. Ze is bang vergeten te worden.

In Vriezenveen krijgen de asielzoekers vandaag te horen dat ze weer naar een andere locatie moeten. Bilal wil niet vertrekken. Zijn zwangere vrouw is ziek, ze is al een paar keer flauw gevallen. Als de bus voorrijdt die ze uit Vriezenveen moet weghalen, kan hij er niet meer tegen. Hij weigert mee te gaan en hoopt dat protesteren zijn registratie dichterbij brengen. 

Tevergeefs; de bus vertrekt. Met Bilal en zijn zwangere vrouw. Naar de nieuwe opvanglocatie in Franeker.

STER reclame