ANP

Nederlanders die in bezet Palestijns gebied wonen, hebben zeker tot 2016 recht op hun AOW. Dat blijkt uit antwoorden van minister Asscher van Sociale Zaken op Kamervragen van de PVV.

Onlangs ontstond in Israël opschudding omdat een Nederlandse vrouw van 90 jaar, een overlevende van de Holocaust, werd gekort op haar Nederlandse ouderdomspensioen. Ze ontving een brief waarin stond dat de Nederlandse Staat een deel van haar pensioen zou inhouden, omdat er geen verdrag is met de Westelijke Jordaanoever. 

Met Israël bestaat zo’n verdrag voor sociale uitkeringen wel, maar volgens internationaal recht is de Westelijke Jordaanoever bezet gebied. Nederland stelt daarom dat Israël er geen zeggenschap heeft.

Internationaal recht

"Schande!", schreef de ene na de andere Israëlische krant, "om een oude vrouw die de Shoa heeft overleefd te straffen om politieke redenen." Veel van de commentatoren beschouwen de Westelijke Jordaanoever niet als bezet gebied, maar als rechtmatig onderdeel van Israël. 

Na de ophef heeft de vrouw in kwestie haar AOW toch weer gekregen. "Omdat ze niet kon weten van deze regeling", zegt de minister. De Nederlandse ambassadeur in Israël, Caspar Veldkamp, schreef in een opiniestuk in een Israëlische krant ter verdediging van Nederland dat Nederland "zorg draagt voor zijn Holocaust-overlevenden" en het incident "betreurt".

Mogelijke uitzondering

Volgens het Nederlandse ministerie wonen er op dit moment 67 AOW-gerechtigden in bezet of geannexeerd gebied, dat wil zeggen op de Westbank, in Oost-Jeruzalem of op de Golan Hoogvlakte. Zij houden tot 2016 hun AOW. Daarna zal de regeling, die formeel al bestaat, pas worden uitgevoerd. Het ministerie onderzoekt nog of er een uitzondering moet worden gemaakt voor Holocaust-overlevenden. 

STER reclame