Erik Duivenvoorden overhandigt het boek aan Henk Hofland NOS / Jeroen Wielaert

Het waren rebellen in witte spijkerpakken. Ze brachten de gevestigde orde aan het wankelen en de verbeelding aan de macht: de Provo’s. Het is nu een halve eeuw geleden dat deze opstandige beweging de weg vrij maakte voor zelfbeschikking en individuele vrijheid. 

Provo stond aan de basis van begrippen die vijftig jaar later gemeengoed zijn: tolerantie voor homoseksuelen, drugs, abortus en euthanasie. Het staat allemaal in het boek Rebelse Jeugd van socioloog Erik Duivenvoorden. Hij overhandigde gisteren het eerste exemplaar aan de journalist die het destijds allemaal heeft aangemoedigd: Henk Hofland.

'Swingnozems'

In zijn boek rekent Duivenvoorden (1962) af met de mythe dat de jaren 50 saai waren. Juist in die tijd broeide het al onder de jongeren. Rock & roll was de stormram van een groep jongeren die bekend raakte als 'swingnozems'. 

De rebellie kwam ook in Nederland voluit tot uitbarsting halverwege de jaren 60. Toen schoot het repressieve overheidsapparaat definitief tekort. In een paar jaar tijd zorgde Provo voor een ongekende omwenteling in de gezagsverhoudingen. Het is en blijft het meest opwindende decennium in de naoorlogse geschiedenis.

"Het is nauwelijks nog voor te stellen dat de moderne jeugdcultuur bestreden is als het kwaad zelve", constateert Duivenvoorden. "De geschiedenis van de rebelse jeugd in de jaren 50 en 60 laat zien dat wat eerst nog weerzin opwekte, binnen afzienbare tijd in de armen gesloten werd en vrijwel iedereen begon mee te slepen."

Niks saai, de jaren vijftig. Het was geweldig!

Henk Hofland

Voor Hofland (1927) is de Tweede Wereldoorlog het begin van alles. Hij schreef in dit verband al eens over een 'generatiebreuk'. Met groot genoegen herinnert hij zich zijn eigen illegale acties in zijn verwoeste woonplaats Rotterdam. "De hongerwinter breekt aan. Een gouden tijd. Rovend en plunderend trok ik met mijn schoolvriendjes door de stad. Alles stortte in, ook het gezag stortte in."

Als militair was hij later van dichtbij getuige van de koloniale oorlog om Indonesië. Die eindigde in 1949 als een pijnlijke nederlaag voor Nederland. "Het land ging verder of er niks gebeurd was", zegt Hofland. "De restauratie van de jaren 50 zette in. Je kon je ogen niet geloven. Wat een klootzakken."

In Amsterdam kreeg hij als student politicologie een bijbaantje op de buitenlandredactie van het Algemeen Handelsblad. Het was 1 mei 1953, het begin van een fenomenale journalistenloopbaan. Hofland sloot vriendschap met de dichter Gerrit Kouwenaar en kreeg zo contact met de geruchtmakende generatie der Vijftigers. 

Hij maakte in 1954 hun opwindende optreden in het Stedelijk Museum mee. Lucebert zei als keizer verkleed van achter het katheder: "De minister-president is een kanon. Piep, piep, piep!" Aan het slot riep hij: "Herfst!" En goot een glas water uit over zijn hoofd.

Niks saai, de jaren 50, volgens Hofland. "Wat een lol! Geweldig! De machthebber van de jaren 50 was Bill Haley, met Rock Around the Clock. Van dixieland moest ik niks hebben. Rock ’n roll vond ik goed. Het klimaat? Lol trappen, veel plezier maken. Er is een foto van Cor Jaring in café Scheltema, ons hoofdkwartier. Daar staan Jacques Gans op, ik, Marlies Scholtens, Wim Schippers en Remco Campert. Wat heb ik daar een plezier gehad."

Wegbereiders

Er gebeurden toch ook minder gezellige dingen. De politie kon erop los slaan bij demonstraties. Dat gebeurde tussen 1960 en 1964. Het staat beschreven in het nu zeer zeldzame boek Slaags met de Politie. Hofland was een van de journalisten die daarin eisen tot matiging aanbevalen. Zo moest het gezag van de burgemeester beteugeld worden. Provo zou dat gedachtengoed spoedig overnemen.

"Wij zijn de wegbereiders van Provo geweest", zegt Hofland. "Jan Vrijman, Han Lammers, Hans Gruijters en ik, we gaven intellectuele ondersteuning. Er zaten flinke kerels onder de Provo’s, zoals Rob Stolk en Roel van Duijn. Het absolute genie was Robert-Jasper Grootveld. Het was de voortzetting. Wij hadden de voorgaande maatschappij al afgedankt."

Een oordeel over de rebelse sixties, een halve eeuw later? Hofland: "Goddelijk! Nou zeg, tjéézus. Ik had het niet graag willen missen. De happenings op het Spui, de ontmoetingen in Scheltema. Het was een groot plezier."

STER reclame