Mensen die een goedkope verzekering afsluiten, kunnen soms niet terecht in het dichtstbijzijnde ziekenhuis. ANP

Verzet tegen inperking vrije artsenkeuze

tijd van publicatie
Geschreven door
Rinke van den Brink
Redacteur gezondheidszorg
Hugo van der Parre
Researchredacteur


U kunt als patiënt vanaf 2016 niet meer kiezen in welk ziekenhuis of bij welke medisch specialist u behandeld wilt worden. Tenminste, als u een goedkope basisverzekering heeft afgesloten. De Eerste Kamer debatteert dinsdag over een wetsvoorstel van minister Schippers van Volksgezondheid om de vrije artsenkeuze te beperken. Deze wijziging van de Zorgverzekeringswet lijkt het te halen, maar veel zorgverleners zijn er fel op tegen. Morgen bieden tientallen zorgorganisaties een petitie aan.

De minister wil graag dat zorgverzekeraars meer mogelijkheden krijgen om te bepalen naar welke ziekenhuizen en medisch specialisten u moet gaan. Het wetsvoorstel over de vrije artsenkeuze heeft daar alles mee te maken. In de ogen van de minister kunnen de zorgverzekeraars zo beter inkopen op basis van kwaliteit.

75 procent

Als u een goedkope verzekering wilt, kan dat, maar dan mag u niet meer kiezen in welk ziekenhuis u behandeld wilt worden. Die goedkope verzekeringen hebben contracten met een deel van de ziekenhuizen, medisch specialisten en ggz-instellingen. Voor huisartsen, apothekers, tandartsen, wijkverpleegkundigen, fysiotherapeuten en verloskundigen blijft vrije keuze ook voor goedkope verzekeringen wel bestaan.

Wilt u toch naar een niet-gecontracteerde zorgverlener, dan loopt u het risico dat u een veel groter deel van de kosten zelf moet betalen. Nu is het nog zo dat de verzekeringsmaatschappij in zo’n geval wettelijk verplicht is 75 procent van de kosten te betalen.

Onder de nieuwe wet is dat afgelopen. Het staat verzekeraars dan vrij om zelf te bepalen hoeveel zij nog vergoeden. Ze mogen er ook voor kiezen niets meer te vergoeden als een verzekerde met een goedkope polis naar een niet-gecontracteerde arts gaat.

Kwaliteit

Veel zorgverleners – artsen, apothekers, tandartsen – zijn sterk tegen de plannen van Schippers, omdat zorgverzekeraars in hun ogen onvoldoende in staat zijn om te beoordelen wat kwaliteitszorg is. Zij zijn bang dat de prijs van de zorg leidend wordt bij contractering in plaats van de kwaliteit.

Ook vrezen de tegenstanders dat de wetswijziging leidt tot een tweedeling in de zorg, waarbij keuzevrijheid alleen beschikbaar is voor mensen die dat kunnen betalen.

Petitie 

Maandag bieden zo'n zestig zorgorganisaties aan de Eerste Kamer een petitie aan tegen de nieuwe wet. Daaronder grote koepelorganisaties als de tandartsenorganisatie KNMT, Ieder(in), het Aidsfonds, het Reumafonds en de Vereniging Praktijkhoudende Huisartsen en ruim 160.000 burgers. Zij hopen dat de Eerste Kamer de wet tegenhoudt. De Landelijke Huisartsenvereniging LHV en de apothekersorganisatie KNMP staan niet onder de petitie hoewel ze wel tegen de wetswijziging zijn.

LHV en KNMP zijn erin geslaagd voor hun leden een uitzondering te krijgen. Ook na de wetswijziging mag iedereen - ongeacht het type afgesloten basisverzekering - zelf zijn huisarts en apotheek kiezen. Hetzelfde geldt voor andere eerstelijns hulpverleners, zoals fysiotherapeuten en wijkverpleegkundigen. 

Koepels

De overkoepelende artsenorganisatie KNMG is ook tevreden met dat onderhandelingsresultaat. Hetzelfde geldt voor de Orde van Medisch Specialisten. Voor de Orde was vooral van belang dat de veel duurdere restitutiepolis blijft bestaan, zodat burgers ervoor kunnen kiezen om een volledige vrije artsenkeuze te houden. Dat neemt niet weg dat veel leden van die organisatie de petitie wel steunen. 

De overkoepelende patiëntenorganisatie NPCF stemt in met de wetswijziging mits aan een aantal voorwaarden wordt voldaan. Patiënten moeten goed geïnformeerd worden over de keuzes die ze maken en er moeten voldoende keuzemogelijkheden overblijven.

De zestig organisaties die de petitie steunen vertegenwoordigen een achterban van meer dan 5 miljoen mensen.

STER Reclame