'Carthago zit in ons collectief geheugen'

Beelden uit eigen bezit Oudheidkunde Leiden Jeroen Wielaert / NOS
Geschreven door
Lambert Teuwissen
Redacteur

De strijd tussen Rome en Carthago blijkt al uit de stichtingsmythe van de steden. De mythologische held Aeneas was verliefd op koningin Dido, de stichter van Carthago, maar hij liet haar in de steek om stamvader van Rome te worden. Voordat Dido zich met Aeneas' zwaard van het leven beroofde, vervloekte ze Aeneas' nageslacht: eeuwig zouden de steden vijanden blijven.

Vanaf vandaag is er in het Rijksmuseum van Oudheden in Leiden een tentoonstelling te zien over Carthago. Het is de eerste grote tentoonstelling in Nederland over het halfvergeten stiefbroertje van Rome. Het is een verhaal van grote bloei en grandeur, maar ook van bloedvergieten, wraak en uiteindelijk verwoesting.

Namen als Hannibal, Dido en Cato doen vast wel een belletje rinkelen. "Carthago zit in een soort collectief geheugen", zegt Pieter ter Keurs van het museum. "Heel veel mensen hebben er wel eens van gehoord, maar weten niet precies hoe of wat."

Geabsorbeerd

De stad, in het huidige Tunesië, was een van de belangrijkste steden van de oudheid. Gesticht in de negende eeuw voor Christus, door handelaren uit wat nu Libanon is. Binnen enkele eeuwen werd Carthago oppermachtig in het Middellandse Zeegebied. Opvallend is hoe makkelijk de stad daarbij andere culturen absorbeerde.

"Het was een enorme, bruisende handelsstad. Iedereen woonde er door elkaar: Carthagenen, Egyptenaren, Grieken, Afrikanen. Dat zie je terug in de voorwerpen."

Ter Keurs wijst naar een vrouwenfiguur op een sarcofaag uit de stad. Zo'n sarcofaag is een Etruskische gewoonte, maar haar kleren zijn Grieks en de haardracht Egyptisch. "Alles loopt door elkaar. Hier is iets aan de hand dat veel mensen niet kennen."

1/3Masker Jeroen Wielaert / NOS
2/3Borstrok 3e-2e eeuw voor Christus Jeroen Wielaert / NOS
3/3Scheepsstormram brons Jeroen Wielaert / NOS

Olifanten

Maar het lukte Carthago maar niet om van die ene rivaal af te komen: Rome. "Rome en Carthago zaten elkaar behoorlijk dwars. Carthago domineerde de handel in het Middellandse Zeegebied en toen in Italië Rome steeds belangrijker werd, ging dat wringen."

In ruim een eeuw vochten de steden drie oorlogen uit: de Punische Oorlogen, naar de Latijnse naam voor Carthago. De meeste mensen zullen daarvan vooral de veldheer Hannibal kennen, omdat hij met olifanten de Alpen overstak om Rome aan te vallen.

De rol van Hannibal in de tentoonstelling is bewust klein gehouden. "Als je hem centraal plaatst, krijg je niet een goed beeld van Carthago, want hij heeft er heel lang niet gewoond en ondernam zijn veldtocht vanuit Spanje. Er zijn zelfs twijfels of de bestuurders in Carthago er wel goedkeuring aan hadden gegeven."

Verse vijg

Hannibal werd verslagen, maar voor de staatsman Cato was dat niet voldoende. Vanwege de decennia strijd en oorlogsdreiging pleitte hij voor de totale vernietiging van Carthago. Tijdens een debat toonde hij een verse vijg, die drie dagen eerder in Carthago was geplukt. De boodschap kwam aan: de vijand kan hier zo zijn.

"Overigens ben ik van mening dat Carthago vernietigd moet worden", zou Cato bij elke redevoering hebben gezegd. Ter Keurs betwijfelt dat: "Die uitspraak is een verzinsel van een Duitse historicus uit de 19de eeuw. Maar de strekking ervan is wel waar. Hij was geen vriend van Carthago."

Verschroeide aarde

In 146 voor Christus kreeg Cato zijn zin. Na een jarenlange belegering viel de stad. Zes dagen lang plunderden de Romeinen Carthago. Tienduizenden mannen, vrouwen en kinderen werden over de kling gejaagd, wie overleefde werd als slaaf weggevoerd. Gebouwen werden platgebrand, de akkers omgeploegd met zout, zodat er nooit meer iets zou groeien.

Door de verwoesting ging bijna alle informatie over de Punische cultuur verloren. "Er is nog zo veel onbekend. Het centrum werd verwoest en afgedekt met puin. De bibliotheek van de stad werd verbrand. We weten werkelijk bedroevend weinig."

De zegevierende legerleider Scipio huilde naar verluidt bij de aanblik van wat zijn soldaten hadden aangericht. Niet uit medelijden, maar omdat hij zich realiseerde dat ook zijn Rome ooit dit lot zou wachten. Geen beschaving zo machtig, of hij zal eens ten onder gaan.

STER Reclame