Nederland faalde in onderzoek naar dode Irakees

Het Nederlandse Openbaar Ministerie heeft grote fouten gemaakt in een onderzoek naar een Nederlandse militair die in 2004 in Irak een man doodschoot. Dat oordeelt het Europees Hof voor de Rechten van de Mens. 

Het OM wilde de luitenant niet vervolgen en kreeg daarin gelijk van het gerechtshof in Arnhem. De nabestaanden namen daar geen genoegen mee en stapten naar het Europees Hof. Dat oordeelt nu dat het onderzoek niet deugde.

Verklaringen achtergehouden

Het Europees Hof concludeert dat Nederland artikel 2 van het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens heeft geschonden. Het onderzoek naar het schietincident deugde op verschillende punten niet. Zo hield het OM getuigenverklaringen achter en was de voorbereiding van het verhoor van de luitenant niet goed. Ook was de autopsie van het slachtoffer niet juist en zijn de kogels die uit het lichaam kwamen kwijtgeraakt.

Hierdoor was het onderzoek naar de dodelijke schietpartij ineffectief en heeft Nederland gefaald, constateert het Hof unaniem. Nederland moet de nabestaanden van het slachtoffer 25.000 euro schadevergoeding betalen.

Eindelijk goed nieuws

"We zijn volledig in het gelijk gesteld", zegt advocaat Liesbeth Zegveld. "Daar doe je het voor. Tien jaar lang heb ik elke drie maanden de vader van het slachtoffer gebeld. Vanmiddag doe ik dat weer, maar nu eindelijk met goed nieuws."

Volgens Zegveld geeft de uitspraak aan dat het OM de zaak bewust onder het tapijt heeft proberen te vegen. 

Noodweer

Het slachtoffer, Azhar Jaloud, werd in april 2004 doodgeschoten bij een checkpoint vlak bij de Nederlandse basis in Ar Rumaythah. De 27-jarige Irakees zat in een auto die door een wegversperring reed.

Een Nederlandse luitenant schoot 28 keer op de auto omdat hij naar eigen zeggen dacht dat vanuit de auto werd geschoten en dat ook Irakese militairen het vuur hadden geopend. Het OM vervolgde hem niet omdat er sprake zou zijn geweest van een noodweersituatie. Bovendien zou niet duidelijk zijn of het slachtoffer door Irakees of Nederlands vuur is omgekomen.

Namens de nabestaanden van het slachtoffer begonnen de advocaten Zegveld en Wil Eikelboom een zogeheten artikel 12-procedure om het OM alsnog tot vervolging te dwingen, maar het gerechtshof in Arnhem wees dit af. Volgens de militaire kamer van het hof was het te begrijpen dat de luitenant dacht dat hij werd aangevallen.

Getuigenissen

In de procedure bij het Europees Hof doken onverwacht getuigenverklaringen van elf Iraakse militairen op. Die zeiden dat zij niet hebben geschoten. "Pas in 2012, toen de strafzaak dus al lang was afgerond, doken die verklaringen op. In alle jaren daarvoor had het OM geroepen dat zij wel gehoord waren maar dat dit niets had opgeleverd."

Volgens advocaat Zegveld heeft het OM de verklaringen destijds bewust achtergehouden. "Daarom hebben we een klacht wegens meineed ingediend. De Rijksrecherche is daar nog mee bezig. Maar gezien de uitspraak van vandaag vind ik dat het OM, als het zijn werk echt goed wil doen, uit eigen beweging de strafzaak moet heropenen."

Eric O.

De affaire toont ook gelijkenissen met de zaak rond Eric O.. Vier maanden voor het dodelijke incident met Azhar Jaloud schoot deze Nederlandse marinier eveneens een Irakees dood. Het OM vervolgde hem wel maar eiste slechts een voorwaardelijke straf omdat de marinier door alle negatieve publiciteit al zwaar gestraft was. De rechter sprak hem vervolgens vrij omdat O. onder moeilijke omstandigheden moest werken.

De marinier kreeg vervolgens een schadevergoeding van 10.000 euro als bijdrage voor eerherstel van zijn goede naam als militair. Zijn advocaat Geert-Jan Knoops schreef een boek over de zaak.

Twee jaar later berichtte actualiteitenprogramma NOVA dat de rechter in de strafzaak was misleid en getuigen onder druk waren gezet. Het OM deed onderzoek maar vond geen bewijzen en zag dus geen reden om Eric O. opnieuw voor de rechter te brengen. Vanwege alle rumoer kreeg hij wederom een schadevergoeding. De hoogte daarvan is nooit bekendgemaakt.

STER Reclame