Het proces tegen Geert Wilders is geschorst tot 3 februari. Op de eerste dag van het proces hield Wilders zelf een slotwoord, waarin hij aandrong op een eerlijk proces.

"Van al onze verworvenheden is vrijheid het meest dierbaar en kwetsbaar. Vrijheid in dit land is het resultaat van eeuwen en het heeft ons gebracht waar we nu zijn. Deze vrijheid is niet langer een vanzelfsprekendheid", zei Wilders.

"Ik wijd mijn leven aan het verdedigen van deze vrijheid. Ik weet dat de woorden die ik gebruik soms hard zijn, maar ze zijn nooit onbesuisd. Ik ben er niet op uit mensen te kwetsen. Ik heb niets tegen moslims, maar wel tegen de islam, omdat de islam haaks staat op vrijheid. Ik hoop dat de vrijheid van meningsuiting in dit proces zal zegevieren."

"Het gaat in dit proces natuurlijk om vrijheid van meningsuiting, maar ook om waarheidsvinding. Als iets waar is, kan het toch niet strafbaar zijn? Ik vraag u daarom expliciet om het verzoek tot horen van de voorgestelde getuige-deskundigen in te willigen. Ik moet mij kunnen verdedigen. Ik moet kunnen aantonen dat ik de waarheid heb gesproken. Zonder de getuigen kan ik mij niet verdedigen en is er geen sprake van een eerlijk proces", besloot hij zijn rede.

Wilders' advocaat Bram Moszkowicz gaf eerder vandaag aan een aantal getuige-deskundigen op te willen roepen in het proces. Onder de deskundigen zijn rechtsgeleerden Henny Sackers en Theo de Roos, maar ook radicale moslims als Mohammed B.

Eerste verweer Moszkowicz hield aan het begin van de zitting zijn eerste verweer tegen de aanklachten. Hij betoogde in de eerste plaats dat de zaak tegen zijn cliënt niet in Amsterdam had moeten dienen.

Volgens Moszkowicz is de rechtbank in Amsterdam onbevoegd, omdat de uitspraken van Wilders voornamelijk in Den Haag zijn gedaan en niet of nauwelijks verband houden met de hoofdstad. Ook zijn een aantal aangiften tegen Wilders niet in Amsterdam gedaan, maar bijvoorbeeld in Den Haag en Rotterdam.

In een reactie op het verweer van Moszkowicz bestreed officier van justitie Van Roessel dat de rechtbank van Amsterdam niet bevoegd zou zijn. De uitspraken van Wilders zouden een landelijke uitwerking hebben gehad en daarom zou ook de Amsterdamse rechtbank bevoegd zijn.

Kamerlid Moszkowicz betoogde verder dat Wilders een bijzondere behandeling moet krijgen, omdat hij Kamerlid is en het om daarom om een ambtsmisdrijf zou gaan. Bij ambtsmisdrijven moet de Hoge Raad de zaak behandelen.

Wilders heeft zijn uitspraken altijd gedaan als volksvertegenwoordiger. Het hof had het Openbaar Ministerie daarom nooit opdracht mogen geven Wilders te vervolgen, zei Moszkowicz. "Als hij geen Kamerlid was geweest, had niemand naar hem geluisterd. Dan had hij geen aandacht gekregen", aldus Moszkowicz. Hij vroeg de rechtbank het OM niet-ontvankelijk te verklaren.

Volgens officier van justitie Van Roessel behoort het uitdragen van standpunten in principe niet tot Wilders' verplichtingen als parlementariër. Het kan volgens het OM niet worden gezien als onderscheidend ten opzichte van gewone burgers en is daarom geen ambtsmisdrijf.

Fractie  De rechters die de zaak behandelen, zijn voorzitter J.W. Moors, J.M.J. Lommen-van Alphen en M.M. van der Nat.

De voltallige PVV-fractie was vandaag aanwezig in de rechtbank. De fractieleden zaten op de publieke tribune. Buiten de rechtbank betoogden een paar honderd mensen voor de vrijheid van meningsuiting.

STER reclame