Nieuwsuur
AFP

Met de vaccins van AstraZeneca, Pfizer, Moderna en Janssen hoopt de Nederlandse overheid het coronavirus er voorlopig onder te krijgen. Maar er worden steeds meer vragen gesteld: beschermen deze razendsnel ontwikkelde vaccins wel genoeg tegen de huidige en toekomstige varianten van het virus? En geven ze niet te veel bijwerkingen?

Verschillende bedrijven werken daarom al volop aan een volgende generatie vaccins, die de komende maanden tot jaren de tweede linie moeten vormen om het coronavirus verder terug te dringen.

Relatief veel bijwerkingen door tijdsdruk

Bij de huidige vaccins is vanwege de enorme tijdsdruk tijdens de ontwikkeling vol ingezet op effectiviteit, waarbij de producenten het risico op de koop toenamen dat er wat meer bijwerkingen zouden optreden dan bij andere vaccins. Dit blijkt ook uit de voorlopige rapportages van onder meer het bijwerkingencentrum Lareb.

Een volgende generatie zou mogelijk iets 'vriendelijker' zijn, doordat er meer tijd genomen is om de optimale balans tussen effectiviteit en bijwerkingen te vinden.

Een ander probleem is dat de huidige vaccins alleen maar immuniteit opwekken tegen het 'spike-eiwit', een specifiek onderdeel van het virus, dat snel van gedaante verandert. Door deze selectieve immuniteit dragen deze vaccins bij aan de selectiedruk op het virus, waardoor varianten blijven ontstaan.

Meer immuniteit

Een aantal van de nieuwere vaccins wekt immuniteit op tegen meer dan alleen het spike-eiwit. Zo zijn er verschillende vaccins in ontwikkeling die ook tegen het zogeheten nucleocapside, een ander belangrijk eiwit, antistoffen opwekken. Onder meer het Amerikaanse Vaxart ontwikkelde zo'n vaccin, dat bovendien niet via een injectie maar via bij kamertemperatuur houdbare tabletten wordt toegediend. De eerste resultaten in een kleine groep gezonde vrijwilligers zijn gunstig.

Het Franse OSE Immunotherapeutics gaat nog een stap verder: dat ontwikkelde een vaccin tegen 11 verschillende eiwitten in stukken van het virus die minder snel muteren dan het spike-eiwit. Dit vaccin is nog niet op menselijke vrijwilligers getest.

Een meer klassieke aanpak is die van onder meer het Franse bedrijf Valneva. Dat heeft een vaccin ontwikkeld waarin het hele, geïnactiveerde virus zit, in combinatie met een specifiek 'adjuvans', een stof die de juiste afweerreactie moet aanzwengelen. Die formulering zou sowieso al een bredere, mogelijk ook langduriger immuunreactie kunnen opwekken dan een vaccin gericht op alleen het spike-eiwit. Nu duidelijk is geworden dat met name dat spike-eiwit snel van gedaante verandert, is dit een extra voordeel.

Daarnaast is het mogelijk om net als bij een griepvaccin meerdere varianten van het virus 'in het vaccin te stoppen'. Onder meer het Duitse Curevac en het Britse GSK zijn recent samen begonnen met de ontwikkeling van zo'n multivalent vaccin.

Moeilijk voor klinische studies

Zowel ethisch als praktisch gezien wordt het lastig om aangepaste en nieuwe coronavaccins nog in grootschalige klinische studies te testen, je wilt mensen immers het werkzame vaccin niet onthouden. Vandaar dat het Europees Medicijnagentschap EMA eind februari een richtlijn heeft uitgevaardigd voor fabrikanten. Aangepaste vaccins hoeven niet opnieuw in grote studies te worden getest.

Ook voor nieuwe vaccins gelden aangepaste voorwaarden. Zo zullen sommige fabrikanten hun vaccin waarschijnlijk niet gaan testen tegenover een placebo, maar tegenover een reeds goedgekeurd vaccin. Laten ze bijvoorbeeld zien dat hun vaccin ongeveer net zo goed werkt, maar met minder bijwerkingen, een hogere bewaartemperatuur of een prettiger toedieningsvorm, dan komt het in aanmerking voor toelating.

Ontwikkeling

De Europese Unie heeft half februari een speciaal programma opgericht dat de ontwikkeling van de nieuwe generatie vaccins moet stimuleren. Dit moet onder meer door snelle detectie van nieuwe varianten, het ondersteunen van bedrijven die vaccins aanpassen of nieuwe ontwikkelen en door de goedkeuring en het opschalen van de productiecapaciteit te vergemakkelijken.

STER reclame