Nieuwsuur
Nieuwsuur

Het geweld van vijftig jaar geleden is verdwenen uit Noord-Ierland. De Troubles zijn zelfs een toeristische attractie geworden. Maar de moord op journalist Lyra McKee, het politieke vacuüm en de brexit zorgen voor lichte zenuwen. "Terroristen moet je nooit onderschatten. Hoe klein die groep ook is."

Stephen Lusty, een vriend van de vermoorde McKee, noemt zichzelf een optimist. Hij denkt dat het een kwestie van tijd is dat alle gewapende Noord-Ierse groeperingen definitief tot het verleden behoren. "Nog een generatie en dan zijn ze verdwenen", zegt hij stellig. "De middenklasse discrimineert niet en leeft met iedereen, ongeacht achtergronden. Die wil vooruit. Die ziet kansen, een toekomst."

Het conflict speelt zich volgens hem alleen nog af in de achterstandswijken. "Daar vind je splintergroeperingen; veelal criminelen die zich bezighouden met drugs en smokkel. Ze hebben een kleine achterban, maar dankzij wapens houden ze de getto's in hun greep", vertelt Lusty.

Er zijn nog steeds jongeren die stenen gooien naar de politie en denken dat zij de geschiedenis aan hun kant hebben.

Eamonn McCann, journalist en gemeenteraadslid Londonderry

Naast de lantaarnpaal waar de 29-jarige McKee in april door de New IRA werd doodgeschoten, liggen een paar boeketten bloemen. Het plastic knispert in de wind. Het ziet er troosteloos uit. Bijna niemand in de wijk Creggan in Londonderry wil praten over wat er die avond in april is gebeurd. Niet gek als je een paar honderd meter verderop een zelfgemaakt verkeersbord ziet hangen waarop staat dat 'verklikkers neergeschoten zullen worden door de IRA'.

De moord op Lyra is "een wrede terugslag", zegt gemeenteraadslid en journalist Eamonn McCann. "De overgrote meerderheid van de Noord-Ieren vindt het verschrikkelijk. Maar kijk naar onze geschiedenis. De aanhang van paramilitairen stijgt en daalt. Nu worden er veel minder mensen vermoord, maar onder de oppervlakte broeit het. Er zijn nog steeds jongeren die stenen gooien naar de politie en denken dat zij de geschiedenis aan hun kant hebben."

De zomer van 1969

De geschiedenis van de Troubles begon in Londonderry, of Derry zoals nationalisten (veelal katholieken) zeggen. Het protest van mensenrechtenorganisaties tegen de discriminatie van katholieken werd steeds luider. En nadat een protestante Oranjemars door een katholieke buurt zou marcheren, liep het in de zomer van 1969 helemaal uit de hand. Dagenlang werd er in de straten van Londonderry gevochten - de Battle of the Bogside - en werd uiteindelijk de hulp van het Britse leger ingeroepen.

"In eerste instantie waren we daar blij mee", vertelt mensenrechtenactivist Eamonn Melough (86). "De politie was op de hand van de protestanten dus we voelden ons niet door hen beschermd. We hadden de hoop dat het leger dat wel zou doen." Maar die verwachting verdampte snel. Een paar jaar later schoten diezelfde militairen 14 mensen dood na een vreedzame, maar door de Britten verboden, demonstratie voor burgerrechten. Die dag gaat de geschiedenis in als Bloody Sunday.

Noord-Ierland weer op de rit

De Troubles hebben in al die jaren meer dan 3500 levens gekost en er zijn tienduizenden gewonden gevallen. In 1998 werd het Goede Vrijdagakkoord getekend en sindsdien is het een stuk vreedzamer geworden in de Britse provincie. Maar onderhuids is iedereen altijd alert. Een mentaliteit die enkel sterker is geworden nadat het Noord-Ierse parlement begin 2017 uiteen viel, en de gevolgen van de brexit nog totaal onduidelijk zijn.

Tijdens de begrafenis van McKee riep priester Martin Magill de aanwezige politici op haar dood aan te grijpen om Noord-Ierland weer op de rit te krijgen. Een staande ovatie was het gevolg. "Ik had geen idee dat mijn woorden zo'n effect zouden hebben", vertelt hij in de St. Anne's Cathedral in Belfast. "Maar ik vind dat politici actie moeten ondernemen. De dood van Lyra mag niet voor niets zijn geweest."

Magill is hoopvol. Hij is onder de indruk van McKee's vrienden die bijvoorbeeld het kantoor van Saoradh, de politieke vertegenwoordigers van de New IRA, hebben beklad. Die een demonstratie organiseerde van Belfast naar Londonderry. En die met rode verf handen op de beroemde Free Derry Wall plaatsten. "Dit kan een ommekeer betekenen. Mensen durven weer. Ze zijn niet langer bang."

Maar drie maanden na de dood van McKee is er van al dat protest niets meer te zien. De beroemde muur is gewit en hoewel er gesprekken zijn tussen Noord-Ierse politici is er nog steeds geen nieuw parlement. Over de brexit en de mogelijke gevolgen is al helemaal niets bekend.

STER reclame