Hulpverlening heeft handen vol aan gewelddadige ex-gedetineerden

time icon
Nieuwsuur

"Deze mensen kunnen tikkende tijdbommen zijn als je je er niet dagelijks mee bemoeit. Als de wanhoop groot wordt, als er ook nog drugs bij komen kijken dan heb je al gauw een probleem." Harry Gras is hulpverlener in de gemeente Utrecht. Hij en zijn collega's hebben veel te maken met gewelddadige ex-gedetineerden of vrijgekomen tbs'ers die bijna nergens terecht kunnen en grote problemen veroorzaken.

Het gaat om mensen met een ernstige stoornis, meestal met een verslaving of een beperkte geestelijk vermogen. Als ze vrij komen, zijn vooral de gemeenten verantwoordelijk voor de nazorg. Maar die nazorg is erg gecompliceerd. Zo zijn er vaak geen woningen voor deze groep beschikbaar en heeft de hulpverlening problemen ze adequaat op te vangen. Vaak zitten ze noodgedwongen in de daklozenopvang.

Nieuwsuur ging op pad met teams van hulpverleners in Utrecht en Amsterdam die deze mensen thuis op of straat begeleiden. Zij zijn ervan overtuigd dat je de samenleving alleen door hele intensieve zorg op maat, veilig kunt houden. Toch is deze zorg niet voor iedere ex-gedetineerde met een psychische stoornis of een drugsprobleem weggelegd. En ondanks die laagdrempelige speciale forensische zorg gaat er nog vaak wat mis.

In Utrecht bijvoorbeeld, is het gebrek aan passende woonruimte een groot probleem. Een aantal van deze mensen wordt ondergebracht in containers aan de rand van de stad. Maar vaak belanden de ex-gedetineerden in de daklozenopvang en zorgen ze daar voor overlast.

Sinds een aantal jaren is de nazorg van ex-delinquenten vooral een taak van de gemeenten. Justitie en daarmee de reclassering staat meer op afstand. Omdat zo'n driekwart van de ex-gedetineerden last heeft van ernstig antisociaal gedrag, de helft een geschiedenis heeft van ernstige delicten of een alcohol- of drugsprobleem, is de nazorg een erg moeilijke taak. Ongeveer de helft van deze ex-gedetineerden gaat weer in de fout.

Om de meest lastige personen uit deze groep beter in de gaten te houden en ze beter te helpen bij de terugkeer in de samenleving, heeft zorginstelling Lister sinds driekwart jaar een speciaal Flexibel Integraal Team (FIT) in het leven geroepen.

Hulpverlener Harry Gras en zijn vier collega's zoeken mensen thuis of op straat op en helpen ze met alledaagse problemen maar ook met de gang naar de gemeenteloketten en de gezondheidszorg. "Je moet eigenlijk een cordon om deze mensen heen bouwen. Met onze bemoeizorg leveren we een belangrijke bijdrage aan de veiligheid in de stad."

Utrecht heeft, net als veel andere gemeenten, een overlegorgaan in het leven geroepen dat bedoeld is om juist die veiligheid beter te kunnen beheersen. Karel van Duijvenbooden is manager van het Veiligheidshuis Utrecht waar politie, justitie en hulpverlening zo'n driehonderd zaken in de hele provincie bespreken.

Van Duijvenbooden roemt de samenwerking tussen alle partijen maar ziet nog veel mogelijkheden tot verbetering. "We moeten kijken of de zorg niet wat te mager is voor deze hele moeilijke groep. De overheid gaat uit van zelfredzaamheid maar dat is bij deze mensen niet realistisch. We moeten voor deze mensen meer tijd en ruimte krijgen."

Dan 'moet' ik naar de bouwmarkt om een bijl te kopen, dan 'moet' ik naar de Hema om messen te pikken

'Stefan' over de woedeaanvallen in zijn hoofd

Volgens psychiater en directeur Melina Rakic van zorginstelling Inforsa staat bij de hulpverlening van haar forensische teams in Amsterdam inmiddels de veiligheid van de omgeving centraal. Het welzijn van de patiƫnt is nog wel belangrijk, maar niet meer het belangrijkste. "We doen ook aan heropvoeding en als je ze helpt moet je ook grenzen stellen. We helpen ze, maar beschermen ook de maatschappij." Rakic pleit niet zozeer voor meer geld, maar voor meer centrale coƶrdinatie bij de terugkeer van gevangenen en tbs'ers.

Stefan uit Amsterdam kan goed uitleggen waarom hij niet zonder het forensisch team van Inforsa kan. Hij heeft na terugkeer uit detentie, een paar jaar geleden, weer meerdere oncontroleerbare woedeaanvallen gehad maar nu gaat het al een aantal maanden redelijk goed. "Er zit een soort Bob in mijn buik. En als hij in mijn hoofd kruipt, geeft hij nare opdrachten. Vorige week zat Bob weer in mijn hoofd en dat roept hij moord, moord, moord! Als dat gebeurt, dan 'moet' ik naar de bouwmarkt om een bijl te kopen, dan 'moet' ik naar de Hema om messen te pikken. Het is lastig om daar niet naar te luisteren. Maar ik heb dit keer de hulpverleners gebeld."

Deze browser wordt niet ondersteund voor het spelen van video. Update uw browser naar Internet Explorer 10 of hoger om video af te kunnen spelen.

'Eigenlijk weten bepaalde instanties het ook niet meer'

Meer verhalen van Nieuwsuur? Abonneer je hier op onze wekelijkse nieuwsbrief!

Nieuwsuur

Nieuwsuur is een programma van

STER Reclame