Nieuwsuur

'Rusland heeft geen belang bij Derde Wereldoorlog'

Aangepast
AFP

De VS lijkt vastberaden om landen aan te pakken als zij chemische wapens gebruiken. "Ons beleid richting Syrië is onveranderd. Als Syrië opnieuw gifgas gebruikt, dan zijn we klaar voor actie", zei de Amerikaanse VN-ambassadeur Nikki Haley vandaag tijdens een spoedzitting van de Veiligheidsraad die door Rusland was aangevraagd.

De Russische president Vladimir Poetin vindt de militaire actie van vannacht "een destructieve uitwerking hebben op het gehele systeem van internationale relaties". Hij noemt het een "daad van agressie".

"De aanval brengt natuurlijk risico's met zich mee", zegt Tony van der Togt van Instituut Clingendael. "De Russen hadden zich fel uitgesproken over vergeldingsacties. Maar - een grote maar - dat zouden ze alleen doen als Russische doelen of militairen ook werden geraakt." Dat is niet gebeurd.

Escalatie

Voor een vergeldingsactie zou er een Russisch belang moeten zijn. Zegt Van der Togt. "Dan pas is de kans op escalatie groot. Ik zie niet snel gebeuren dat Rusland op een forse manier ingrijpt richting Amerika. Het is niet in hun belang om een nieuwe Wereldoorlog te beginnen."

Een Syrisch onderzoeksinstituut, een commandopost en een opslag voor giftig saringas werden vannacht bestookt door de VS, Frankrijk en Groot-Brittannië. Volgens de westerse bondgenoten locaties waar president Assad chemische aanvallen voorbereidt. Trump noemt de actie geslaagd. De drie bondgenoten willen met de militaire actie laten zien dat de inzet van chemische wapens niet onbestraft blijft.

Maar volgens Amerika-correspondent Arjen van der Horst is de aanval vooral symbolisch geweest. "Iedereen kan tevreden zijn. Amerika en zijn bondgenoten omdat ze de gifgasaanval in Douma niet onbeantwoord hebben gelaten, en Syrië en zijn bondgenoten zullen blij zijn dat het bij deze beperkte actie is gebleven."

Deze browser wordt niet ondersteund voor het spelen van video. Update uw browser naar Internet Explorer 10 of hoger om video af te kunnen spelen.

De gifgasaanvallen in Syrië

Het verdrag tegen het gebruik van chemische wapens stamt uit 1993. Het gebruik van chemische wapens zijn voor de ruim 175 landen die het verdrag ondertekenen een onacceptabele oorlogshandeling, omdat het een wapen is dat zich direct tegen burgers richt en niet tegen militaire of politieke doelen. Wrang genoeg tekende Syrië het verdrag pas in 2013, een maand na de zware aanvallen op Ghouta.

In 2013 komen in maart en augustus voor het eerst beelden naar buiten die laten zien dat president Assad gifgas inzet tegen zijn eigen burgers. Het zijn duizenden inwoners van Ghouta, een gebied net buiten Damascus, die bij de grote aanval in augustus het slachtoffer worden. De VN doet meteen onderzoek en bevestigt het gebruik van zenuwgas.

De beelden zijn een schok voor de internationale gemeenschap. Voor de toenmalige Amerikaanse president Barack Obama was de aanval reden om een duidelijke boodschap de wereld in te sturen. Bij gebruik van chemische of biologische wapens door Syrië zou voor de VS "een rode lijn" worden gepasseerd. Maar militaire actie bleef toendertijd uit omdat de Republikeinen in het Amerikaanse Congres zich tegen militaire actie verzetten. Rusland bleef achter bondgenoot Syrië staan, een VN-missie kon daarom op een Russisch veto in de Veiligheidsraad rekenen.

In 2016 en 2017 komen er opnieuw beelden naar buiten van het gebruik van chemische wapens. Dit keer worden sporen van chloorgas gevonden, een gif dat cynisch genoeg niet is opgenomen in het verdrag tegen de chemische wapens. De nieuwe Amerikaanse president Donald Trump reageert prompt en laat op zijn bevel 59 kruisraketten afschieten op een Syrisch vliegveld.

Russische doelwitten werden vannacht niet geraakt. De reacties uit Moskou zijn dan ook niet overdreven heftig, zegt correspondent David Jan Godfroid. Rusland vindt vooral dat de aanval een politieke oplossing voor het conflict in Syrië verder uit zicht heeft gebracht.

Maar wat is die politieke oplossing van het conflict en wat willen de Russen? Volgens Van der Togt, voorheen topdiplomaat in Rusland, is het belang dat de Russen hechten aan het bondgenootschap met Assad dat ze een ingang willen houden in het Midden-Oosten. "Ze willen zich daar als grootmacht manifesteren. Ze willen de regie hebben, ook in de vredesbesprekingen die ondertussen slepend zijn."

Boeten

Het bondgenootschap tussen Syrië en Rusland gaat al ver terug, al sinds de Sovjet-Unie. "Al de gehele Syrische burgeroorlog probeer Rusland ervoor te zorgen dat Assad niet omvalt", aldus Van der Togt. 2015 was daarin een belangrijk moment, het jaar waarin de Russen ook militair actief werden in Syrië. "Rusland heeft zich toen zo'n positie toebedeeld op het strijdtoneel dat er geen oplossing meer mogelijk is zonder Rusland."

Wat de rol of de strategie van de Amerikanen moet worden, lijkt onduidelijk. Vorige week nog meldde Trump hij dat de Amerikaanse troepen die in Syrië tegen IS strijden zo snel mogelijk naar huis wilde halen. Maar vannacht besloot hij dat het Syrische regime moet boeten voor de vermoedelijke gifgasaanval van zaterdag.

Wie zijn de bondgenoten van Assad?

Als de opstand tegen de Syrische leider Assad in 2011 in een gewelddadige burgeroorlog overgaat, steunt Rusland de Syrische leider al vrij snel met wapens, geld en advies. Maar pas in 2015 vechten Russische troepen formeel aan de zijde van Assad, aanvankelijk om IS te bestrijden.

Iran steunt Assad vanaf het begin met wapens en bijna 110 miljard dollar aan financiële middelen. In 2013 komen de eerste beelden naar buiten waaruit blijkt dat Iran ook troepen op de grond heeft in Syrië. Vanaf 2015 geeft Iran openlijk toe aan de zijde van Assad en Rusland te strijden tegen IS en de rebellengroepen.

Al in november 2011 steunt de Libanese sjiitische beweging Hezbollah Assad. Hezbollah was betrokken bij veel belangrijke offensieven van Assad tegen de rebellen.

In 2011 laat de Amerikaanse president Obama weten dat Assad moet aftreden. Tegelijkertijd kondigt hij sancties aan en gaan de VS de rebellen ondersteunen. Vanaf 2015 steunen de VS ook de Koerden in hun strijd tegen IS. Trump beëindigt de steun aan de rebellen maar voert een kleine aanval uit op Syrische doelen na een gifgasaanval in 2017.

Turkije speelt de meest gecompliceerde rol. Het land steunt de rebellen in hun strijd tegen Assad maar wil pas in 2014 meedoen met aanvallen op IS. Vanaf maart dit jaar trekt het Turkse leger openlijk de grens over in een strijd tegen de Koerden in de regio Afrin.

Frankrijk en Groot-Brittannië willen ook dat Assad aftreedt en steunen vanaf het begin de rebellen. Ze voeren luchtaanvallen uit tegen IS. In de aanval van vannacht steunden beide landen de VS.

Deze browser wordt niet ondersteund voor het spelen van video. Update uw browser naar Internet Explorer 10 of hoger om video af te kunnen spelen.

Bommen op Syrië, waarom nu?