Nieuwsuur
AFP

Enkele tientallen mensen demonstreren op 15 maart 2011 op een pleintje in de Syrische hoofdstad Damascus. Zo begint zeven jaar geleden de opstand aanzwelt tot een burgeroorlog die Syrië langzaam maar zeker verwoest en verscheurt.

De strijd, waarbij inmiddels vele partijen betrokken zijn, heeft aan bijna een half miljoen mensen het leven gekost. Miljoenen Syriërs zijn op de vlucht geslagen voor het geweld. Op een oplossing is weinig zicht, zelfs na negen VN-vredesbesprekingen.

De afgelopen zeven jaar heeft Nieuwsuur de ontwikkelingen in Syrië gevolgd. Jan Eikelboom reisde meerdere malen af naar het land en grensgebieden om verslag te doen. De grootste moeilijkheid daarbij? "Erachter te komen wat de waarheid is", zegt Eikelboom.

"Ik heb gemerkt dat alle partijen liegen als hen dat het beste uitkomt. Niet alleen het Syrische regime, maar ook de rebellen." Hij zag Syrië in al die jaren met eigen ogen veranderen. We halen met hem fragmenten en belangrijke momenten terug.

De onrust in Syrië begint in de periode van de Arabische Lente, waarbij ook in omringende landen volop wordt gedemonstreerd. Waar de Syrische protesten in 2011 vreedzaam beginnen, worden die al snel feller wanneer de betogingen hard worden neergeslagen.

De demonstranten willen politieke hervormingen en meer democratie, ze keren zich tegen hun president Bashar al-Assad. Ook de opstandelingen gaan zich op een gegeven moment bewapenen, waarna het geweld steeds verder om zich heen grijpt.

Eikelboom gaat in februari 2012 voor het eerst naar Syrië, samen met redacteur Roozbeh Kaboly en cameraman Joris Hentenaar. "Het land liet toen bijna geen buitenlandse journalisten toe. Wij waren de eerste televisieploeg uit Nederland."

We kregen de indruk dat de steun voor Assad groter was dan op dat moment in het Westen werd gedacht.

Jan Eikelboom

Het was niet makkelijk om een goed beeld te krijgen van wat er precies leefde onder de bevolking, zegt Eikelboom. "We waren niet vrij om te gaan en te staan waar we wilden. We hadden ook steeds een begeleider van de Syrische regering bij ons. Toch kregen we de indruk dat de steun voor Assad groter was dan op dat moment in het Westen werd gedacht."

Eikelboom filmt bijvoorbeeld bij een pro-Assad-betoging in de hoofdstad Damascus. "Bashar, we willen geen ander dan jij", zingt een menigte mensen voor een gigantische afbeelding van de president. Toch zijn er minder betogers gekomen dan verwacht.

2012: een pro-Assad betoging in Damascus

Het Vrije Syrische Leger, dat wordt gevormd door opstandelingen, en het regeringsleger raken op steeds meer plekken in een hevige strijd verwikkeld. Het geweld van de oorlog komt soms heel erg dichtbij, vertelt Eikelboom.

"In 2012 ontplofte om de hoek van ons hotel in Damascus een autobom. De explosie was zo hard dat de ruiten van het hotel eruit vlogen. Toen we even later op de plek van de aanslag kwamen, opende daar iemand het vuur. Dat was behoorlijk schrikken."

Er zijn twee aanslagen gepleegd op regeringsgebouwen. Op de plekken waar de bommen afgingen, zitten kraters in de weg. Appartementen in de buurt zijn zwaar beschadigd, er zijn doden en gewonden gevallen. De emoties op straat lopen hoog op.

"We hebben toen ook veel kinderen gefilmd die slachtoffer werden. Een jongetje van een jaar of 4 met een kogelwond in zijn buik, een iets ouder jongetje van wie een van de benen geamputeerd moest worden. Dat zijn beelden die mij altijd zullen bijblijven."

2012: heftige emoties na aanslag in Damascus

Veel Syriërs slaan op de vlucht voor het geweld. Eikelboom filmt in 2013 een toevluchtsoord aan de rand van Aleppo, de grootste stad van Syrië. Duizenden mensen zijn neergestreken op een verlaten industrieterrein. Voor velen geldt dat hun eigen huizen kapot zijn geschoten.

President Assad zet steeds zwaardere wapens tegen de burgerbevolking in. Raketten landen midden in woonwijken. Een veldhospitaal is noodgedwongen ondergebracht in een winkelcentrum. De artsen verzorgen met de grootste moeite de gewonden. Aan alles is gebrek.

2013: de humanitaire ramp in Aleppo

Het dorpje Qalaat al-Madiq ligt in rebellengebied, het is aan drie kanten ingesloten door het leger van de regering. moslims en christenen vechten er samen tegen president Assad. Het laat een Syrië zien dat je niet vaak ziet.

Jan Eikelboom en zijn collega Ruth Vandewalle maken er onderstaand verslag. De reportage wordt later onderscheiden met een Tegel in de categorie verslaggeving. Volgens de vakjury zijn de makers er in geslaagd "de alledaagse werkelijkheid van de burgeroorlog helder te schetsen".

2013: in Qalaat al-Madiq vechten moslims en christenen samen

In 2015 spreken we Assad zelf. Tom Kleijn, dan nog verslaggever voor Nieuwsuur, heeft een interview met de Syrische president in diens residentie in Damascus. Ze spreken over de situatie in Syrië, de bombardementen op IS en jihadisten.

Het standpunt, van onder andere Nederland, dat Assad weg moet om langlopende vrede te bewerkstelligen, wijst de president zelf ferm van de hand. "Of de president nou deugt of niet. Het is aan Syrië, niet aan Europa."

2015: exclusief interview met de Syrische president Assad

De oorlog in Syrië is in de afgelopen jaren uitgegroeid tot een ontzettend ingewikkelde strijd. "Het is allang niet meer een oorlog van de Syriërs onderling", zegt Eikelboom. "Tal van andere landen hebben zich in de oorlog gemengd, zoals Rusland, Iran, de VS, Israël en Turkije. Die vechten allemaal voor hun eigen belang en daarom is er ook geen eenvoudige oplossing meer."

Hij denkt dat er ooit wel een oplossing zal komen. Maar hoe lang dat nog duurt? "In het kleine buurland Libanon woedde in de jaren '70 en '80 ook een burgeroorlog. Die heeft maar liefst 15 jaar geduurd."

Op zoek naar de waarheid in Syrië

STER reclame