Nieuwsuur

Vliegmaatschappijen werken na MH17 nog steeds niet samen

AFP

De samenwerking tussen luchtvaartmaatschappijen op veiligheidsgebied is nog steeds niet op orde. Nu Noord-Korea raketten afvuurt boven Japan zou intensieve samenwerking over vliegroutes nodig zijn. Maar zover is het nog niet.

Na het neerhalen van vlucht MH17 boven Oost-Oekraïne was het dringende advies aan de luchtvaart om gezamenlijk veiligheidsbesluiten te nemen. Maar iedere vliegmaatschappij lijkt op dit gebied een eigen beleid te voeren.

Zo heeft de Duitse luchtvaartmaatschappij Lufthansa vorige maand de vliegroutes aangepast na kernproeven van Noord-Korea. Air France en KLM hadden eerder al hun no-fly zone rond Noord-Korea vergroot.

Meer internationale afspraken

"Dit hoort niet de verantwoordelijkheid te zijn van individuele luchtvaartmaatschappijen", zegt Kamerlid Bram van Ojik (GroenLinks). "Overheden moeten passagiers die in het vliegtuig stappen beschermen, ook al is de kans klein dat een tragedie zich voordoet."

Hij verwijst naar een recent voorbeeld waarbij een toestel van Air France in de buurt kwam van een Noord-Koreaanse raket. "Dat is levensgevaarlijk. Passagiers weten nu helemaal niet wat er aan de hand is. Daarom moeten er veel meer internationale afspraken komen."

Er is door de internationale burgerluchtvaartorganisatie (ICAO) een website in het leven geroepen waar informatie kan worden gedeeld. Maar die wordt nauwelijks gebruikt. "Het is een mislukking", zegt D66-Kamerlid Sjoerd Sjoersma. "Het is een Nederlands initiatief, dus Nederland moet er vaart achter zetten om dit alsnog tot een succes te maken."

Ook minister Stef Blok van Veiligheid en Justitie vindt dat de website beter gevuld en gebruikt moet worden. "Het is nog lang niet waar het moet zijn."

Als landen geen informatie willen geven, kunnen de maatschappijen ook niet verder.

Pablo Mendes De Leon, hoogleraar luchtrecht

Na de MH17-crash deed de Onderzoeksraad voor Veiligheid (OVV) aanbevelingen die moeten voorkomen dat burgervluchten over conflictgebieden gaan. Zoals het uitwisselen van informatie tussen inlichtingendiensten. Dat lijkt nog niet echt van de grond te komen.

"Ik denk dat het heel erg moeilijk is. Landen zijn zuinig op die informatie en er spelen vaak politieke belangen mee. Ze zijn er over het algemeen niet erg happig op", zegt Pablo Mendes De Leon, hoogleraar luchtrecht aan de Universiteit Leiden.

Bovendien is nu niemand verplicht om iets te doen. "Het is nu helaas nog een vriendelijk verzoek en nog niet bindend", zegt Mendes De Leon. "De internationale burgerluchtvaartorganisatie probeert er nog meer juridische of bindende krachten aan te geven."

Het proces verloopt langzaam

De OVV evalueert pas komend jaar of haar aanbevelingen door de internationale burgerluchtvaartorganisatie zijn opgevolgd. "De Raad zou graag sneller duidelijkheid hebben, maar concludeert dat de benodigde internationale afstemming tijd vergt", zegt de OVV in een reactie.

Mendes De Leon beaamt dat. "Het proces verloopt heel langzaam, echt stap voor stap. Het betreft landen met totaal verschillende politieke systemen. Het gaat om Noord-Korea en Tanzania, maar ook om de VS en Nederland. Probeer die maar eens op één lijn te krijgen."

Hij benadrukt dat de luchtvaartmaatschappijen ook afhankelijk zijn van de informatie die landen leveren. "De vliegmaatschappijen doen hun best om er iets van te maken, maar als de landen de informatie niet willen geven dan kunnen zij ook niet verder. De landen gaan er uiteindelijk over."

Een onderdeel van het vliegtuig in een veld op de plek waar vlucht MH17 neerkwam ANP

Noord-Korea schoot vorige week een raket af die over het noorden van Japan heen vloog. Het projectiel kwam bijna 1200 kilometer voorbij het eiland Hokkaido in zee terecht. Joris Melkert, hoogleraar luchtvaarttechniek aan de TU Delft, noemt de kans dat je door zo'n raket wordt geraakt extreem klein.

"We weten nog niet hoe goed Noord-Korea kan mikken met raketten, maar de kans is echt klein dat je op precies dat moment daar vliegt. Aan de andere kant hebben we met MH17 wel gezien dat het heel goed kan misgaan."

Hij denkt niet dat Japan het luchtruim moet sluiten. "Als je dat doet op basis van de rakettest van vorige week, kan je eigenlijk wel zeggen dat je het hele wereldluchtruim moet sluiten. Noord-Korea heeft inmiddels bewezen dat ze raketten hebben die ongeveer de hele wereld kunnen bereiken."

Bekijk hier de reportage:

Vliegmaatschappijen werken na MH17 nog steeds niet samen