Nieuwsuur

Integratie Eritrese vluchtelingen verloopt problematisch

Nieuwsuur
Geschreven door
Christel Voorn
redacteur binnenland

De integratie van Eritrese vluchtelingen verloopt alles behalve soepel. De vluchtelingen staan op grote afstand van de Nederlandse samenleving en problemen stapelen zich op, zien gemeenten en hulporganisaties. De Eritreeërs vormen, na de Syriërs, de grootste groep vluchtelingen in Nederland. 

Sinds 2014 zijn er 13.000 Eritreeërs naar Nederland gekomen. Expertisecentrum gezondheidsverschillen Pharos deed dit jaar een kleinschalig onderzoek en ontdekte dat bij een deel van hen veel problemen tegelijkertijd spelen. Het gaat om gezondheidsproblemen, maar ook is er sprake van drankmisbruik, sociale isolatie en schulden. 

Je ziet dat Eritreeërs veel in hun eigen taal spreken en vooral slapen.

Brigitte Teeuwisse

"Je ziet dat ze ongelukkig zijn. Ze vinden school hartstikke leuk, maar daarna gaan ze naar huis, en dan?", zegt lerares Brigitte Teeuwisse, die taalles geeft aan Eritrese vluchtelingen in Den Haag. 

"Ik ben weleens op huisbezoek geweest. Dan zie je dat ze veel met elkaar in hun eigen taal spreken en vooral veel slapen." Buiten de lessen is er veel passiviteit en vinden velen het moeilijk contact te maken.

Eritrese vluchtelingen verschillen volgens Teeuwisse van Syrische vluchtelingen. "Syriërs zijn over het algemeen hoger opgeleid. Eritreeërs hebben in vergelijking weinig scholing gehad. Dat vraagt ook om andere begeleiding."

Ze vult aan: "Syrische vluchtelingen zijn ook trotser, zij kunnen hun mondje roeren. Eritrese vluchtelingen zijn heel erg bescheiden. Toen ze net bij mij in de klas waren, durfden ze me niet eens aan te kijken."

Eritreeërs zijn meer wantrouwend, door wat zij hebben meegemaakt.

Filemon Mengistu

Tot 2010 had de Nederlandse overheid een zogeheten doelgroepenbeleid: apart beleid voor bepaalde groepen in de samenleving. Maar onder kabinet-Rutte I ging daar een streep door. Iedere burger moest hetzelfde behandeld worden. Veel gemeenten namen dat rigoureus over en stopten met het aanbieden van brochures in de eigen taal of het organiseren van speciale projecten.

De gemeente Oss zag de problemen met Eritrese vluchtelingen al aankomen en besloot haar beleid aan te passen. In tegenstelling tot de rest van het land, biedt de gemeente arbeidstrainingen in de eigen taal. Docent Filemon Mengistu legt zijn leerlingen uit hoe de Nederlandse arbeidsmarkt werkt en vertelt ze over het belang van non-verbale communicatie. 

'Een van de dingen die ze leren is contact maken'

"Als ik een vraag stel moeten ze contact maken. Dat zijn ze niet gewend", zegt Mengistu. "In de Eritrese cultuur kijken mensen vaak naar beneden, uit bescheidenheid of respect. Maar in Nederland is het heel erg belangrijk om iemand aan te kijken. Bijvoorbeeld in een sollicitatiegesprek met een werkgever."

Hij brengt ze naar eigen zeggen ook vertrouwen en zelfverzekerdheid bij. "Eritreeërs zijn meer wantrouwend, door wat zij hebben meegemaakt."

Nieuwsuur

De gemeente vindt het verloren tijd om te wachten met trainingen tot de vluchtelingen Nederlands spreken. Volgens wethouder Kees van Geffen kan dat prima tegelijk. "Als we ze niet in hun eigen taal aanspreken, begrijpen ze veel minder. En wij willen dat ze zo snel mogelijk begrijpen hoe onze samenleving en arbeidsmarkt werken, zo dat ze zo snel mogelijk kunnen meedoen."

Meer dan 50 procent van de Eritrese vluchtelingen zit in de bijstand. Hun achtergrond speelt volgens Van Geffen daarbij een rol. "Ze hebben meestal nauwelijks gestudeerd of hebben een achtergrond in de landbouw. Ze zijn niet gewend aan het werken in een industriële omgeving. Ze zijn ook helemaal niet gewend aan hoe wij in Nederland met elkaar werken."

Dromen over toekomst

In Den Haag krijgen de Eritreeërs les op een particuliere taalschool. Maar daarbuiten is er weinig te doen. De gemeente heeft voor deze doelgroep geen specifieke projecten. Daarom neemt docent Brigitte de leerlingen soms in haar vrije tijd mee de stad in. Om thee te drinken op het terras bijvoorbeeld. 

Sommigen dromen ondertussen over de toekomst. "Ik wil heel graag journalist worden", zegt een van de mannen. "Ik weet dat het moeilijk is, maar ik ga het proberen." Een ander wil simpelweg aan het werk. "Dat mag ook vrijwillig, gratis. Ik wil gewoon werken en de taal leren." Maar tot nu toe komt daar nog weinig van terecht.

Brigitte met haar leerlingen op pad in Den Haag Nieuwsuur

De Eritrese vluchtelingen in Oss krijgen niet alleen arbeidstrainingen; ze moeten ook vanaf dag één aan de slag. In arbeidstrainingscentrum De Rotonde doen ze in ruil voor hun uitkering simpele werkzaamheden. "We proberen hier mensen een vast dagritme te geven", zegt wethouder Van Geffen. 

"Die inburgeringscursus duurt maar negen uur in de week. Als mensen twee jaar lang slechts negen uur per week bezig zijn met inburgeren en voor de rest niks doen, dan komt dat het welzijn van deze mensen niet ten goede."

Hij beaamt dat de migrant ook eigen verantwoordelijkheid heeft om in te burgeren. "Maar soms kan het handig zijn om een handje te helpen. Als we aan de voorkant een investering doen, dan besparen we aan de achterkant uitkeringskosten. Want mensen zijn hierdoor sneller aan het werk." 

De gemeente Den Haag en de gemeente Amsterdam zijn zich op dit moment aan het beraden op een aanvullende aanpak voor Eritrese vluchtelingen.

Bekijk hieronder de reportage.

Integratie Eritrese vluchtelingen verloopt problematisch