Nieuwsuur

Werkgever graaft en kijkt mee op sociale media

Nieuwsuur
Geschreven door
Silvia Pilger
Techredacteur
Sanne de Ronden
verslaggever

Een pikante foto op Facebook of een tweet waarin iemand zijn baas uitmaakt voor klootzak. Maar ook een foto plaatsen terwijl je bent ziek gemeld; veel mensen gaan de fout in op sociale media. En dat kan reden zijn voor ontslag.

Nieuwsuur spreekt met mensen die zijn ontslagen na hun gedrag op sociale media, met arbeidsrechtadvocaten en kijkt mee op de Cyber-afdeling van een bedrijfsrecherchebureau. Te gast is Wilbert Tomesen, vicevoorzitter van de Autoriteit Persoonsgegevens.

Werkgever graaft en kijkt mee op sociale media

Dossier

Werkgevers weten sociale media steeds beter in te zetten in ontslagzaken, voor het opbouwen van een dossier. Nieuwsuur deed een inventarisatie onder bijna duizend leden van VAAN, de Vereniging van arbeidsrecht advocaten over de rol van sociale media in ontslagzaken.

Een kleine 300 mensen vulden de enquête in. Driekwart daarvan geeft aan wel eens een ontslagzaak te hebben gehad twaarin sociale media een rol spelen.

De helft van de advocaten die hiermee te maken hebben gehad, zien een toename in dit soort zaken. Het gaat dan om uitingen over werkgevers, berichten plaatsen bij ziekte of racistische uitingen. Ook het beledigen van collega’s wordt genoemd, of het schenden van het relatiebeding, bijvoorbeeld door contacten van LinkedIn te behouden.

Mariska Aantjes gaf de afgelopen jaar veel trainingen over de rol van sociale media in het arbeidsrecht. "Werkgevers gaan daarin steeds verder, ze pluizen accounts uit. Facebook, Twitter, LinkedIn, Youtube, alles wordt wel met een vergrootglas bekeken."

Kinky foto's

Anna (echte naam bij de redactie bekend) gaat in haar vrije tijd graag naar kinky party’s. Foto’s van haarzelf, gehuld in lakleer, plaatste ze op haar persoonlijke Facebookpagina. Op haar werk vonden ze dat er een vertrouwensbreuk was ontstaan. Omdat Anna niet had verteld over het bezoek aan dat soort feesten, maar er wel foto’s van deelde op de sociale media.

"Omdat ik niet op mijn werk vertelde over deze feesten, dachten ze op mijn werk dat ik mogelijk niet open was geweest over andere dingen. Ik vond het niet nodig om aan mijn collega’s te vertellen dat ik in het weekend ergens in een lakrokje had staan dansen."

"Er was ook een klant die de foto’s had gezien en had doorgestuurd aan anderen. Ik vond dat heel vervelend omdat de foto’s niet door mij openbaar gedeeld waren, maar dus door één van mijn Facebookvrienden is verspreid."

Vertrouwen

Uiteindelijk haalde Anna haar foto’s van Facebook. Toch hielp dat niet om het vertrouwen van haar baas terug te winnen. Ze raakte haar baan kwijt. "Het heeft me erg veranderd. Als er nu ergens foto’s van mij genomen worden, dan mag dat alleen door vrienden die ik honderd procent vertrouw. Eigenlijk wil ik op feesten helemaal niet meer worden gefotografeerd", vertelt ze.

"De foto’s die ik deelde, vond ik onschuldig, maar ik weet nu dat ze bij anderen heel anders over kunnen komen."

Verdachte werknemers

Werkgevers kunnen niet altijd alles zien op Facebook. Als er een vermoeden is dat er berichten gedeeld worden die volgens een werkgever niet door de beugel kunnen, kan een recherchebureau uitkomst bieden. De afdeling Cyber Security van Hoffmann bedrijfsrecherche wordt regelmatig ingezet en doet onderzoek naar uitlatingen van werknemers op sociale media.

Zo sturen ze in opdracht van werkgevers ook mails met een technische voorziening naar verdachte werknemers, om achter IP-adressen te komen die dan weer gekoppeld worden aan eerder verstuurde berichten op sociale media. En als iemand berichten verstuurt van een zakelijke telefoon, mag een werkgever vaak nog verder gaan om bewijs te verzamelen.

"We onderzoeken bijvoorbeeld wie er verantwoordelijk is voor bepaalde, volgens de opdrachtgever onjuiste, uitlatingen op Twitter. Bijvoorbeeld als er een vermoeden is dat een werknemer iets heeft geplaatst onder een andere naam", zegt Richard Mulder van Hoffmann.

Bedenken

Wat de rechercheurs vinden, wordt gebruikt in een gesprek met de werknemer, maar kan ook als bewijs dienen in een civiele rechtszaak over het ontslag.

"We vergelijken de herkomst van foto’s en ook de woordkeuze. Vaak zien we snel overeenkomsten. Maar we kunnen ook een email sturen naar de persoon die we onderzoeken, met een link waar de verdachte werknemer op kan klikken. Hierdoor kunnen we het IP-adres van die persoon achterhalen. Dat IP-adres kunnen we dan vergelijken met berichten die onder een andere naam zijn geplaatst op bijvoorbeeld Twitter."

Het recherchebureau heeft veel van dit soort zaken. Mulder: "Steeds meer mensen hebben een social media-account en delen daar ook hun ongenoegen over klanten, collega’s en leidinggevenden. Vroeger werd er nog wel eens een boze anonieme brief verstuurd. Maar je kon je nog op een paar momenten bedenken voordat deze brief geschreven en met postzegel en al op de bus ging. Nu gaat je verhaal met één klik de wereld in en blijft het er voor altijd op staan."