Kamer wil dat plenaire zaal wordt opgeknapt bij renovatie Binnenhof

Een ruime meerderheid van de Tweede Kamer wil dat bij de renovatie van het Binnenhof ook de plenaire zaal wordt opgeknapt. Uit navraag van radioprogramma De Nieuws BV blijkt dat veel Kamerfracties dit als een uitgelezen moment zien voor een complete verbouwing.

De plenaire zaal is de bekende ruimte met de blauwe stoelen waar Kamerleden sinds 1992 vergaderen en debatteren. In de huidige opstelling zitten alle fracties in een halve cirkel naast elkaar. De leden van het kabinet zitten in een apart vak, dat iets is verhoogd.

Andere inrichting

Veel politici zouden graag zien dat de parlementaire vergaderzaal opnieuw wordt ingericht. Zo zou PVV-Kamerlid Bosma een indeling willen die lijkt op die van buitenlandse parlementen. SP'er Van Raak zou graag een opstelling als in een arena zien, met een spreker in het midden. De Partij voor de Dieren vindt dat de Kamer op ten minste dezelfde hoogte moet zitten als het kabinet, omdat "de Kamer het hoogste gezag vormt".

In 2015 pleitte ChristenUnie-voorman Segers ook al eens voor een andere indeling van de plenaire zaal. Hij wilde de ruimte zo inrichten dat kabinet en parlement tegenover elkaar zitten. Ook wilde hij ingangen met "een parlementaire uitstraling".

Lekkende daken en scheuren in de muur

De Kamerfracties van de VVD, PVV, D66, SP, PvdA, Partij voor de Dieren, 50Plus, Denk en Forum voor Democratie vinden het vreemd dat de plenaire zaal niet onder handen wordt genomen bij de renovatie.

Bij de grondige verbouwing van het Binnenhof in Den Haag, die gepland staat voor 2020, worden de gebouwen van de Eerste en Tweede Kamer opgeknapt. De renovatie is hard nodig. Uit onderzoek blijkt dat de daken lekken. Ook zijn de technische installaties verouderd en zitten er scheuren en vochtplekken in de muren.

Het is de bedoeling dat de Tweede en Eerste Kamer, de Raad van State en het ministerie van Algemene Zaken van de premier voor een periode van 5,5 jaar naar een andere locatie verhuizen. De verbouwing zou zo'n 475 miljoen euro moeten kosten.