'Kabinet moet letten op negatieve effecten hogere AOW-leeftijd'

Het kabinet moet letten op nadelige effecten van het verhogen van de AOW-leeftijd. Dat stelt het Centraal Planbureau (CPB) in een rapport over de gevolgen van het langer doorwerken.

Vanaf 2050 is de AOW-leeftijd naar verwachting 71 jaar, maar het is de vraag of iedereen het fysiek kan volhouden zolang door te werken. Het huidige systeem gaat er volgens het CPB te veel van uit dat we allemaal ouder worden in goede gezondheid.

De gevolgen van de stijging van de pensioenleeftijd zijn niet voor iedereen hetzelfde. "Idealiter kijken mensen vooruit en beslissen ze hoeveel ze willen uitgeven, sparen en werken", zegt het CPB. Toch is het voor veel mensen niet vanzelfsprekend al vroeg te sparen voor hun pensioen.

Lageropgeleiden

Het CPB maakt zich vooral zorgen over laagopgeleiden. Die moeten vaker doorwerken terwijl ze minder gezond zijn en lopen dus het meeste risico om arbeidsongeschikt te raken voordat zij met pensioen kunnen gaan. Ze hebben ook vaker fysiek werk waarbij de kans op arbeidsongeschiktheid groter is. Ook over mensen met een minder gevulde portemonnee zijn er zorgen: die kunnen minder opzij leggen voor hun oude dag.

Zzp'ers

Het CPB waarschuwt dat ook zzp'ers maar weinig opzij zetten voor hun pensioen en dat ze daardoor noodgedwongen moeten doorwerken tot hun AOW-leeftijd. Daarnaast is het merendeel van de zzp'ers niet verzekerd tegen arbeidsongeschiktheid. Mocht een zzp'er arbeidsongeschikt raken op latere leeftijd, dan is er dus geen vangnet.

Mogelijke oplossingen

Toch zijn er geen makkelijke oplossingen voor het probleem. Maatregelen zoals de AOW-leeftijd minder snel te laten oplopen of niet meer te koppelen aan de levensverwachting zijn duur: dat kan meer dan een miljard euro kosten, volgens berekeningen van het CPB.

De oplossing zou, volgens CPB-directeur Laura van Geest, gezocht kunnen worden in het zorgen dat meer mensen gezond ouder worden. "Ondanks dat de overheid liever niet te paternalistisch is, zou het goed zijn om actief beleid te voeren op gezonder ouder worden. Zorg bijvoorbeeld dat voedselfabrikanten minder zout in etenswaren doen."