NOS

Er heerst vandaag de dag nog altijd een dopingcultuur in de wielersport. Dat is één van de vele conclusies van de commissie CIRC, die in opdracht van de UCI onderzoek deed naar de dopingproblematiek van de laatste decennia. Maandag brengt de UCI het rapport naar buiten.

De CIRC sprak met 174 mensen van binnen en buiten de wielersport. De getuigenverklaringen, waarvan er 39 anoniem waren, leverden een verontrustend beeld op. “De situatie onder profwielrenners is wel verbeterd, maar dopinggebruik is nog steeds aan de orde van de dag.”

Verboden middelen worden, zo stellen de geïnterviewden, op een andere manier gebruikt. “De grootste zorg tegenwoordig is dat, na de invoering van het biologisch paspoort, men overgegaan is tot kleinere hoeveelheden. Het wordt gecontroleerd toegepast zodat het niet zichtbaar is bij een bloedcontrole.”

Tot de getuigen met wie de CIRC sprak, behoren de oud-renners Lance Armstrong en Michael Boogerd en de huidige wielervedette Chris Froome, winnaar van de Tour de France in 2013. De inhoud van de individuele verklaringen is niet openbaar.

Nelissen over CIRC-rapport

Lance Armstrong AFP

Apotheken in Noord-Italië

Er worden verschillende voorbeelden genoemd van hoe renners ook nu nog aan doping komen. Een renner, die in 2013 nog positief testte op het gebruik van epo, legde uit dat hij verboden middelen kreeg van een amateurwielrenner die voor kleine apotheken werkte in Noord-Italië.

Die amateur bestelde op zijn beurt verboden middelen in opdracht van dokter Michele Ferrari. De middelen die niet op voorraad waren in de apotheek, bestelde hij in het buitenland. Hij liet ze bezorgen bij een Zwitserse apotheek waar hij ze vervolgens ophaalde.

Een andere manier waarop renners mogelijk aan doping kunnen komen, is via zaakwaarnemers. Op die manier is de afstand tussen de renner en de dopingleverancier dermate groot, dat de pakkans miniem is. Zaakwaarnemers zijn doorgaans goed ingevoerd en kunnen, als ze een groot netwerk hebben, aan alle behoeften van de renner voldoen. Die behoeften kunnen uiteenlopen van contractuele zaken tot financiën tot, in sommige gevallen, doping.

Wat duidelijk naar voren komt in deze commissie is dat er geen simpele oplossing is voor het dopingprobleem in de wielersport. Het werk is nooit af.

Een passage uit het rapport van de commissie CIRC

Dertig pillen per dag

Het gebruik van pillen passeerde ook de revue tijdens gesprekken met de CIRC. Eén renner vertelde over het gebruik van pillen tijdens wedstrijden in 2011. Soms wel dertig per dag. Ze werden ingenomen tijdens een etappe om beter adem te halen, meer kracht te ontwikkelen, goed te finishen óf om na de etappe sneller te herstellen.

Dezelfde renner stelde dat teamgenoten ’s nachts wel eens kalmeringsmiddelen namen en ’s ochtends wel eens anti-depressiva. Hij was ervan overtuigd dat sommige valpartijen werden veroorzaakt door de bijwerkingen van deze pillen. Een kanshebber binnen de ploeg kreeg wel eens een drankje, dat ervoor zorgde dat het hart sneller ging kloppen en suikers sneller werden verbrand.

“Geen simpele oplossing”

De CIRC begint zijn hoofdstuk ‘Aanbevelingen’ met de zin: “Wat duidelijk naar voren komt in deze commissie is dat er geen simpele oplossing is voor het dopingprobleem in de wielersport. Eén belangrijke boodschap die de UCI en alle betrokken partijen moeten onthouden, is dat de strijd tegen doping een doorlopend proces is. Zelfs wanneer de aanbevelingen van deze commissie worden doorgevoerd, moeten ze op hun hoede zijn voor het alsmaar veranderende dopinglandschap. Het werk is nooit af.”

STER reclame