Door redacteuren Joséphine Truijman en Heleen Ekker

Van school veranderen omdat een kind gepest wordt, helpt niet. Op de nieuwe school gaat het pesten vaak gewoon door. Dat zeggen het Nederlands Jeugdinstituut (NJi) en de Nederlandse Vereniging van Schooldecanen en Leerlingbegeleiders (NVS-NVL).

Deze deskundigen schatten dat elk jaar honderden kinderen naar een andere school gaan omdat zij ernstig gepest zijn. Hoe groot die groep precies is weet eigenlijk niemand, blijkt uit een rondgang van de NOS.

Aanleiding daarvoor was het incident eind vorige week op een school in Voorburg, waar een middelbare scholier een medeleerling doodstak. Volgens de advocaat van de verdachte was dat het resultaat van jarenlang pesten. De verdachte jongen zou in de loop van de tijd zes keer van school zijn veranderd. Geen van deze scholen pakte het pestgedrag goed aan, zegt de advocaat.

Zorgplicht

Daan Wienke van het NJi, die voorzitter is van de landelijke Commissie Anti-pestprogramma's, vindt dat de eigen school altijd eerst het pesten krachtig moet aanpakken. Die scholen zijn daar primair verantwoordelijk voor. Scholen hebben een officiële zorgplicht.

Als een leerling in het uiterste geval toch naar een andere school wil, moet je volgens Wienke duidelijk melding maken van het pestverleden bij de nieuwe school en ouders erbij betrekken. "Beide gebeurt nu onvoldoende en dat is een systeemfout."

"Zelfvertrouwen geschaad"

Ook Els van Osch van de NVS-NVL vindt dat kinderen die gepest worden gewoon hulp moeten krijgen van hun eigen school. De pesters worden beloond als zij mogen blijven en het kind dat zij pesten, weggaat. Ook voor ouders is het vaak moeilijk als hun kind naar een andere school moet. Het blijft onzeker of het op de nieuwe school beter gaat.

Overstappen helpt volgens Van Osch vrijwel nooit. Het zelfvertrouwen van kinderen die gepest zijn is geschaad, ze zijn niet weerbaar. Voor je het weet begint het pesten op de andere school opnieuw en kom je in een vicieuze cirkel terecht.

Pispaaltje

Ook uit verhalen van kinderen zelf blijkt dat het pesten vaak niet ophoudt op de nieuwe school. De nu 23-jarige Linda Boek uit Glanerbrug verliet in groep zes haar basisschool, om op een andere school een nieuwe start te maken. Het pesten begon daar gewoon opnieuw.

"Mijn moeder had het wel aan de directeur van de nieuwe school verteld, maar die wilde het eerst een paar maanden aanzien", vertelt Linda. "In die periode ging het niet goed. Ze schelden, slaan, zeggen dat je stinkt, ze maken je belachelijk. Als je eenmaal het pispaaltje bent, blijf je dat. Pas daarna stopte het pesten door ingrijpen van de directeur."

Linda denkt dat het helpt als leraren weten dat je op je vorige school bent gepest. Dan kunnen ze je beter helpen.

Geen cijfers

De NOS vroeg om cijfers bij de Inspectie van het Onderwijs, het ministerie van Onderwijs, het Centraal Bureau voor de Statistiek, het Sociaal en Cultureel Planbureau, de landelijke brancheorganisatie voor leerplicht, het Centrum School en Veiligheid, onderzoeksinstituut ITS, verschillende universiteiten en de sectororganisaties voor het primair en voortgezet onderwijs. Geen van hen had cijfers over het aantal kinderen dat overstapt naar een andere school omdat ze gepest worden.

Reacties? Mail naar josephine.truijman@nos.nl

STER reclame