Waarom geen nieuwe antibiotica?

Aangepast

Door redacteur gezondheidszorg Rinke van den Brink

Een kuurtje om een ontsteking tegen te gaan. Dat is waarvoor de meeste Nederlanders antibiotica gebruiken. Maar bacteriën worden in hoog tempo ongevoelig voor de nu gebruikte antibiotica. En fabrikanten staan niet te springen om nieuwe varianten te ontwikkelen.

"Wij hebben vorig jaar een nieuw antibioticum in Nederland op de markt gebracht", zegt Ad Antonisse. Hij werkt voor farmaceut AstraZeneca. "Twee patiënten in Nederland hebben dat middel gehad. Er zijn in totaal zes doosjes gebruikt. Maar die mensen zijn er wel mee gered."

AstraZeneca heeft een beperkte voorraad ceftaroline in huis voor het geval het antibioticum nodig is voor een patiënt. Deze variant is werkzaam tegen MRSA-infecties op en net onder de huid en tegen sommige longontstekingen.

"We hebben intussen al voor 100.000 euro aan ceftaroline weggegooid vanwege de houdbaarheidsdatum, maar AstraZeneca blijft actief op het gebied van antibiotica", zegt Antonisse.

Verkopen

Het verhaal van Antonisse schetst precies het probleem met de ontwikkeling van nieuwe antibiotica. Het is ingewikkeld en daardoor duur om een nieuw antibioticum te ontwikkelen, terwijl de afname beperkt zal blijven.

Als het al lukt het om een goed middel te maken, dan zal de Wereldgezondheidsorganisatie artsen meteen oproepen het zo min mogelijk te gebruiken om het middel zo effectief mogelijk te houden. Zoals met ceftaroline gebeurde.

Geld verdienen

Zoals bakkers het brood dat ze bakken willen verkopen, en niet bewaren voor later, willen farmaceuten geneesmiddelen verkopen. Hun aandeelhouders willen winst uitgekeerd krijgen. Dat heeft ertoe geleid dat nog maar een beperkt aantal grote farmaceutische bedrijven nieuwe antibiotica probeert te ontwikkelen.

Daarbij speelt ook een rol dat patiënten antibiotica bijna altijd maar korte tijd hoeven te gebruiken. Middelen tegen chronische ziekten als diabetes, reuma of bepaalde hart- en vaatziekten bieden veel meer mogelijkheden om geld te verdienen.

Testfase

Om farmaceutische bedrijven toch zover te krijgen dat ze nieuwe antibiotica ontwikkelen, is de laatste jaren een aantal initiatieven genomen. Zo werkt de Europese Commissie samen met de Europese farmaceutische industrie en de Europese universiteiten.

Het UMC Utrecht leidt een netwerk van academische ziekenhuizen om snel en goed nieuwe antibiotica te testen. In dat netwerk wordt nu een nieuw middel van GlaxoSmithKline getest. De testfase is korter waardoor de ontwikkeling en productie iets goedkoper zijn, en het voor fabrikanten minder onaantrekkelijk is.

STER Reclame