De vorming van de colleges van burgemeester en wethouders levert een paar interessante observaties op. Nu bijna alle gemeenten klaar zijn met hun colleges maakt de NOS de balans op.

Winnaars-verliezers

De PvdA heeft de meeste wethoudersposten ingeleverd. Met nog twaalf gemeenten te gaan staat de teller op -78 posten, een verlies van ruim 38 procent. Ook de VVD verliest macht: 54 wethouders minder, een verlies van 21 procent.

De SP boekt de meeste vooruitgang: van 14 naar 49 wethouders. Ook D66 krijgt er veel bestuurders bij: van 86 naar 136, een winst van 67 procent.

De wethouders-verdeling tot nu toe, per partij, verdeeld over het aantal gemeenten:

PartijAantal wethoudersAantal gemeenten Lokalen 401 264 CDA 295 257 VVD 175 171 D66 136 123 PvdA 116 115 CU 59 56 GroenLinks 52 51 SP 49 44 SGP 35 34 CU/SGP combinatie 26 25

Lokaal-landelijk

De gezamenlijke lokale partijen hebben 30 procent van de wethoudersposten binnengehaald. Daarmee zijn ze met afstand de winnaars van gemeenteraadsverkiezingen. Het percentage wethouders komt overeen met het percentage van de behaalde stemmen, ruim 29 procent.

Maar het CDA heeft het meest succesvol onderhandeld. De christendemocraten behaalden met 14,3 procent van de stemmen 18 procent alle gemeenteraadszetels en maar liefst 22 procent van de wethoudersposten. De overige partijen kregen min of meer waar ze, gezien de verkiezingsuitslag, recht op hadden.

De lokale partijen zijn het machtigst in Limburg en Noord-Brabant: bijna de helft van de wethoudersposten is daar in handen van lokale partijen. Groningen is met 17 procent het minst lokaal georiënteerd.

Man-vrouw

Drenthe is de minst vrouwvriendelijke provincie als het gaat om wethouder-benoemingen. Slechts een op de tien is een vrouw. Een scherp contrast met Friesland en Noord-Holland, waar bijna drie op de tien wethouders vrouw zijn. Het provincie-gemiddelde ligt op 20 procent.

STER reclame