Sahara had oceaan kunnen zijn

Aangepast

De wereld had er totaal anders kunnen uitzien als het uiteenvallen van een prehistorisch supercontinent net even anders was verlopen. Dat hebben een Duitse en een Australische aardwetenschapper berekend.

De wetenschappers bekeken hoe het supercontinent Gondwana 130 miljoen jaar geleden uiteenviel. De enorme landmassa werd in de loop der eeuwen opgedeeld in Afrika, Zuid-Amerika, Antarctica, Australië en het Indiase subcontinent.

De sporen van de verschuiving zijn nog zichtbaar op de landkaart: zo passen Afrika en Zuid-Amerika als puzzelstukjes in elkaar en verrees het Himalaya-gebergte op de plek waar India tegen Azië aan dreef.

Oostelijker

De deling had heel anders kunnen gebeuren, ontdekten de onderzoekers. Voordat Zuid-Amerika en Afrika losraakten, was het continent al opgedeeld in een oostelijk en een westelijk stuk, langs wat nu de kust van Oost-Afrika is. De krachten die het continent verder zouden verdelen, lagen in eerste instantie veel oostelijker dan nu.

Het zwakke punt leek aanvankelijk de lijn tussen Nigeria en Libië. Als de breuk daar had doorgezet, was Afrika zo'n beetje doormidden gescheurd.

Verdwenen

In dat geval had Zuid-Amerika er een grote landmassa bijgekregen. Op de plek waar nu de Sahara ligt, had dan een oceaan gelegen. De Atlantische Oceaan was bovendien door het grotere Zuid-Amerika bijna in tweeën gedeeld.

Uiteindelijk bleek het zwakke punt echter te liggen in wat nu het midden van de Atlantische Oceaan is. Volgens de wetenschappers is de andere breuklijn verdwenen toen het continent op de andere plek uiteenviel.

STER Reclame