Na een bizar slot van de tweede 500 meter veroverde Michel Mulder olympisch goud. Het was een ontknoping zoals de schaatssport die nog nooit beleefde en waarin de hoofdrolspelers, Michel Mulder, Jan Smeekens en Ronald Mulder, heen en weer werden geslingerd tussen totale euforie, verbijstering, teleurstelling, ongeloof, ontreddering en uiteindelijk berusting.

Toen de kruitdampen waren opgetrokken bleek het goud voor Michel Mulder te zijn, het zilver voor Jan Smeekens en het brons voor Ronald Mulder.

Michel Mulder kon het na afloop nog niet bevatten. "Niet normaal. Ik zag Jan over de finish komen, maar wist ook niet precies wat hij moest rijden. Ik had al een paar keer op eenhonderdste verloren en wilde zo graag winnen. Onwaarschijnlijk", aldus Mulder, die heel even vreesde voor een déja vu: "In Heerenveen verloor ik de wereldtitel op eenhonderdste. Nu heb ik 'm gewoon."

Twaalfduizendste

Aanleiding voor de commotie was de tijd van Michel Mulder in de tweede omloop die met vierhonderdste seconde in zijn voordeel werd gecorrigeerd. Terwijl hele stadion aanvankelijk in de veronderstelling was dat Jan Smeekens het goud had gewonnen, bleek na de correctie van de tijden dat het goud alsnog een prooi was geworden voor Michel Mulder. In de eindstand bleef hij Smeekens twaalfduizendste seconde voor.

De prestatie is uniek, want nog nooit pakte een Nederlander goud op de kortste sprintafstand. In het verleden wisten alleen Lieuwe de Boer (brons in 1980) en Jan Ykema (zilver in 1988) een medaille te veroveren op de sprint.

Dat het podium na de 500 meter in Sotsji geheel oranje kleurde, was al bijna even zeldzaam. Het is pas de vierde keer in de schaatshistorie dat drie schaatsers uit één land het olympisch podium bevolken. Eerder deze Spelen kende de 5.000 meter een geheel Oranje podium (Kramer, Blokhuijsen, Bergsma). In 1998 dicteerde een Hollands trio (Romme, De Jong, Ritsma) de tien kilometer en in 1964 beheersten de Noren (Johannesen, Moe, Maier) de vijf kilometer.

STER reclame