Eddy PG: keeperslegende wordt 80

Aangepast

Eddy Pieters Graafland wordt vandaag tachtig jaar. Alle reden om nog eens terug te kijken op zijn imposante loopbaan. Over strafschoppen, zijn grijze trui en de ruzie met Ernst Happel.

Tachtig jaar of niet, in het voetbalstadion is Eddy Pieters Graafland nog wekelijks te vinden. "Ik zit elke veertien dagen op het ereterras van Feyenoord. Dat is toch mijn club. Maar als Feyenoord uit speelt en Ajax thuis, dan ga ik naar Amsterdam."

De palmares van Eddy PG is indrukwekkend. Hij speelde van 1951 tot en met 1958 bij Ajax, waarmee hij één keer landskampioen werd. Vervolgens won hij in twaalf seizoenen bij Feyenoord vier landstitels, twee KNVB-bekers en in zijn laatste officiële wedstrijd in 1970 de Europa Cup I. Daarnaast verdedigde hij ook nog eens 47 keer het doel van het Nederlands elftal.

Een absoluut hoogtepunt uit zijn carrière kan Pieters Graafland niet noemen. "Eigenlijk is dat alles vanaf 1958, toen ik naar Feyenoord ging. Vanaf dat moment is mijn loopbaan in een stroomversnelling geraakt en heb ik alleen maar hoogtepunten meegemaakt. De kampioenschappen, het Nederlands elftal, voetballer van het jaar in 1967, mijn ridderorde, en als mooi sluitstuk natuurlijk de Europa Cup I-finale tegen Celtic."

Recordtransfer

Eduard Laurens Pieters Graafland komt uit een echte Ajax-familie en werd al op zijn elfde lid van de Amsterdamse club. De minimumleeftijd was twaalf jaar, maar omdat Eddy's vader in het Ajax-bestuur zat werd er een oogje dichtgeknepen. In 1951 debuteerde hij als 17-jarige onder de lat bij het eerste van Ajax. Zeven jaar later vertrok hij na een conflict met het bestuur voor een (toenmalig) recordbedrag van 134.000 gulden naar de aartsrivaal in Rotterdam. "Feyenoord speelde toen mooier voetbal dan Ajax en De Kuip was met 60.000 toeschouwers natuurlijk ook veel mooier dan De Meer met 24.000."

Als Ajax-speler had Pieters Graafland al zijn debuut gemaakt in Oranje, op 28 april 1957. In het Olympisch Stadion in Amsterdam was België de tegenstander. Een geweldige ervaring, weet de legendarische doelman nog: "Dan sta je daar in een rij met die spelers, je weet gewoon niet wat je meemaakt. Iedere voetballer wil ooit een keer in het Nederlands elftal spelen, en ik heb dat 47 keer mogen doen."

Pieters Graafland hield zijn doel niet schoon (de uitslag was 1-1) maar was toch zeer tevreden met zijn debuut. "Bij België was Rik Coppens toen de grote man. Hij kwam in die wedstrijd drie keer alleen op me af, en drie keer kwam ik goed uit en wist de bal van zijn voet te plukken. Uitkomen was toen echt een specialiteit van me."

Penaltykiller

Een andere specialiteit was strafschoppen stoppen. Eddy PG was een echte penaltykiller, maar daar stak hij ook veel voorbereiding in. Vele jaren voor 'het boekje van Jan Reker' hield Pieters Graafland al een schrift bij. "Ik ben daar altijd mee bezig geweest. Je wilt toch beter zijn dan alle anderen. In mijn schrift noteerde ik iedereen die een strafschop nam, welke minuut, bij welke stand en welke hoek."

"Ik keek naar alle Polygoon-journaals om te zien of er voetbalwedstrijden waren en van alle Nederlandse en Europese duels noteerde ik de strafschoppen. Ik heb zo een keer een penalty van de Tsjechische voetballer Josef Masopust opgeschreven. Die ging rechts van de keeper. Jaren later moest hij in een Europa Cup-duel een strafschop tegen me nemen en ik stompte die bal mooi uit de rechterhoek."

Gebreide trui

Pieters Graafland stond ook bekend als de doelman met de karakteristieke grijze trui. Aan zijn tenue zit ook een verhaal vast. "We speelden met Oranje tegen Oostenrijk en ik zag dat de Oostenrijkse keeper Walter Zeman een prachtige grijze trui had. Dat vond ik grandioos en dat wilde ik ook, maar zulke truien waren niet te koop. Mijn vrouw en mijn schoonmoeder hebben die toen samen gebreid, precies zoals ik hem wilde hebben. Toen ik de eerste keer voor de spiegel stond dacht ik: dit is hem helemaal, hierin kunnen ze me niet passeren. Je moet je als keeper toch lekker voelen met je spullen."

Behalve een grijze trui had Pieters Graafland ook steevast een filmcamera bij zich. Filmen was zijn andere grote passie en als doelman kon hij bijzondere films maken. Zoals van een trainingskamp van Ajax in Zuid-Afrika en als reservekeeper bij het Nederlands elftal. "Ik was een keer reserve achter Frans de Munck en heb toen de hele wedstrijd tussen de fotografen staan filmen. Dat zul je nu niet zo snel meer zien."

"Geen zin in EC I-finale"

In het seizoen 1968/1969 keepte Pieters Graafland misschien wel zijn beste seizoen bij Feyenoord en schopte hij het ook tot aanvoerder. Groot was dan ook de teleurstelling toen de nieuwe trainer Ernst Happel hem een seizoen later passeerde en de voorkeur gaf aan Eddy Treijtel. "Ik had voor dat seizoen gezegd dat ik geen reserverol wilde en dat ik dan liever zou stoppen. Maar Happel zei: als ik wil dat je in het B-elftal speelt, dan speel je in het B-elftal. Dat was een hele controverse. Happel negeerde mij het hele seizoen."

Maar een week voor de Europa Cup 1-finale in Milaan blunderde Treijtel twee keer in een wedstrijd tegen Ajax (3-3). "Na die wedstrijd moest ik bij Happel komen. Jij moet de finale spelen, zei hij. Nou, dat doe ik mooi niet, antwoordde ik. Je hebt me het hele seizoen genegeerd, ik heb daar helemaal geen zin."

Na een paar dagen bedenktijd en veel druk van vrienden en collega's, ging de doelman toch overstag. En zo stond hij op 6 mei 1970 na een 2-1 zege op Celtic als eerste Nederlandse keeper uit de geschiedenis met de Europa Cup I in zijn handen. "Toen vond ik het wel welletjes. Ik had alles meegemaakt wat je als voetballer wilt meemaken. Het was een prachtige afsluiting."

STER Reclame