Rutte: prijs is opsteker OPCW

Aangepast

Premier Rutte noemt de toekenning van de Nobelprijs voor de Vrede aan de OPCW een belangrijke opsteker voor de organisatie, "nu de inspecteurs net zijn begonnen met de ontmanteling van chemisch wapens in Syrië. Dat is een heel lastige klus waar de hele wereldgemeenschap achterstaat. Deze prijs onderstreept dat."

Minister Timmermans van Buitenlands Zaken spreekt van "een terecht eerbetoon". "De prijs onderstreept de noodzaak massavernietigingswapens uit de wereld te helpen en is bovendien een blijk van erkenning voor de zeer zware omstandigheden waaronder OPCW-inspecteurs hun werk soms moeten doen."

Nederlands tintje

Ook de meeste Kamerleden reageren tevreden. "Veel te lang onbekend en nu terecht bemind", zegt VVD-woordvoerder Ten Broeke. Anderen wijzen op de belangrijke rol die de OPCW heeft gespeeld bij het voorkomen van een verdere escalatie van de situatie in Syrië. Verschillende woordvoerders benadrukken dat er ook een Nederlands tintje aan de prijs zit, omdat het OPCW in Den Haag is gevestigd.

D66-woordvoerder Sjoerdsma is kritischer. Hij had liever gezien dat de prijs dit jaar was gegaan naar "een persoon van vlees en bloed". Vorig jaar ging de prijs ook al naar een instituut, de EU. Sjoerdsma vindt op zichzelf dat de OPCW goed werk doet. Maar de belangrijkste klus is het wegwerken van de chemische wapens in Syrië en daar zijn ze net mee begonnen. "Het is dus meer een aanmoedigingsprijs," aldus Sjoerdsma.