Ministers Schippers van Volksgezondheid en staatssecretaris Dijksma van Economische Zaken hebben het publiek niet gewaarschuwd voor de gevaren van paardenvlees uit landen als Roemenië en Bulgarije. Daarmee hebben ze een advies van de Nederlandse Voedsel en Warenautoriteit genegeerd.

Dat stelt het AD op basis van documenten die de krant heeft opgevraagd via een beroep op de Wet openbaarheid van bestuur. De kwestie draait om het vleesschandaal dat begin dit jaar aan het licht kwam.

Parasieten

Ambtenaren van de NVWA waarschuwden dit voorjaar voor de gevaren van geïmporteerd paardenvlees; in het vlees uit Roemenië en Bulgarije zitten vaker gevaarlijke parasieten. Die leveren een risico op voor de volksgezondheid als het vlees rauw of onvoldoende verhit wordt geconsumeerd, stelden ze.

De ambtenaren pleitten toen voor intensiever toezicht en meer waarschuwingen voor het publiek. Schippers en Dijksma lieten weten die extra waarschuwing niet nodig te vinden. Het advies om vlees goed te bakken zou algemeen bekend zijn.

Nauwelijks controle

Het vlees wordt in Nederland volgens de krant nauwelijks gecontroleerd op bijvoorbeeld restanten van het medicijn fenylbutazon. Van de duizenden paarden die tussen 2005 en 2012 in Nederland zijn geslacht worden er jaarlijks maar "een handjevol" gecontroleerd. Vorig jaar zou 0,06 procent van de geslachte paarden zijn gecontroleerd op fenylbutazon.

De NVWA benadrukt in de krant dat het aantal controles wel voldoet aan de Europese normen.

STER reclame