Het gaat weer om kunst in het Rijks

tijd van publicatie Aangepast

Door redacteur Rachel de Meijer

Ruim 45.000 mensen hebben al een kaartje gekocht voor het nieuwe Rijksmuseum. Ze moeten nog negen nachten wachten voordat ze naar binnen kunnen. De pers mocht al een kijkje nemen.

Na 10 jaar is de verbouwing van de grootste toeristische trekpleister van Nederland eindelijk klaar: kosten 375 miljoen euro, een overschrijding van 125 miljoen. De verbouwing was een aaneenschakeling van tegenslagen.

Nu is het Rijks klaar en kan het zich meer dan ooit meten met de belangrijkste musea ter wereld, zoals het Prado in Madrid, het Louvre in Parijs en The Metropolitan in New York. Het museum is ruimtelijk en licht en de inrichting straalt allure uit.

Binnenhoven

De ingrijpendste verandering in het verbouwde hoofdgebouw zijn de opengelegde binnenhoven. Die waren in de jaren 60 dichtgemaakt om meer zaalruimte te creëren. Nu zijn de binnenhoven omgetoverd in de ontvangstruimten voor het publiek.

Via een onderdoorgang onder de fietspassage zijn de hoge lichte ruimten nu voor het eerst met elkaar verbonden. De atriums, bekleed met beigekleurig Portugees natuursteen, zijn een moderne toevoeging aan het 19de-eeuwse gebouw van architect Pierre Cuypers. Het café-restaurant, de garderobes en de museumwinkel zijn er te vinden.

De fietspassage waar zoveel om te doen is geweest, is niet langer een donkere tunnel maar staat nu in verbinding met de atriums: het baksteen tussen de bogen is vervangen door glas. Zo kijk je vanaf de straat het museum in. Binnen zien de bezoekers de fietsers en voetgangers voorbijtrekken.

Versieringen

Eenmaal binnen in het hoofdgebouw wordt de bezoeker geconfronteerd met de pracht en praal die architect Cuypers ooit had bedacht. Ornamenten, muurschilderingen, glas-in-loodramen en schilderijen versieren het trappenhuis en de grote hal voor de eregalerij.

Een groot deel van deze versieringen was in de jaren 60 weggewerkt achter dikke lagen witte verf. Nu zijn ze gereconstrueerd en opnieuw aangebracht op basis van de oorspronkelijke ontwerpen.

Het ontwerp voor de inrichting van het nieuwe museum is van de Franse binnenhuisarchitect Jean Michel Wilmotte, die ook verantwoordelijk is voor de inrichting van delen van het Louvre en vele andere grote musea. "Hij is een autoriteit", zegt woordvoerder Boris de Munnick. "Nergens is zo lang over gepraat als de kleur voor de muren."

Uiteindelijk werd het noir de vigne, een donkergrijs dat overal terugkomt. Met die kleur komen volgens Wilmotte de schilderijen het best tot hun recht.

Mutsjes

Het Rijksmuseum toont in 80 zalen 8000 voorwerpen uit de collectie, die in totaal ruim één miljoen objecten bevat. Meer dan ooit wil het museum aan de hand van die collectie de geschiedenis van Nederland vertellen.

Dat kan betekenen dat objecten die in de depots lagen te verstoffen nu een belangrijke rol spelen. Zo is er een vitrine met wollen mutsjes met daarboven een schilderij van een levertraanstokerij op Spitsbergen. De mutsjes waren van de arbeiders. Elke werker had een uniek exemplaar, waaraan ze waren te herkennen. Als een arbeider stierf werden de werkkleren hergebruikt, maar het hoedje ging mee het graf in.

De mutsjes zijn later opgegraven en door de kou op Spitsbergen in perfecte conditie gebleven. Op deze manier vertellen de hoedjes iets over de roemruchte Nederlandse walvisvaart. In dezelfde zaal is ook de klok van Willem Barendsz te vinden die werd gebruikt in het Behouden Huis op Nova Zembla. Aangevreten door de roest, maar belangrijk omdat de klok het verhaal vertelt van de Nederlandse handelsgeest in de 16de eeuw.

De collectie is chronologisch opgesteld, beginnend bij de Middeleeuwen. Objecten zijn niet meer ingedeeld naar thema's of kunstvorm, maar schilderijen, meubels, beelden en porselein staan door elkaar heen.

Tweede Wereldoorlog

Nieuw is de afdeling 20ste eeuw. Sinds enkele jaren verwerft het museum kunst en objecten uit deze periode. In de collectie onder meer een jasje van een vrouw uit het concentratiekamp Auschwitz. Daartegenover staat een schaakspel, geschonken door Himmler aan NSB-leider Mussert.

Toch is deze collectie nog zeer beperkt en voor de opening neemt het museum voor een deel zijn toevlucht tot bruiklenen. Zo hangen er twee Mondriaans uit Amerikaanse musea en een schilderij van Pyke Koch, geleend van kunstverzamelaar Hans Melchers.

Eregalerij

Hoogtepunt is en blijft de eregalerij. De majestueuze hal met hoge spitsbogen herbergt de topstukken van Rembrandt, Vermeer, Frans Hals en vele andere Hollandse meesters. Aan het eind van de galerij is de Nachtwachtzaal met Rembrandts beroemdste schilderij. Het werk waaromheen toentertijd het museum is gebouwd.

Nu ruim een eeuw later staan er straks duizenden mensen voor de deur om het werk op zijn vertrouwde plek in een blinkend nieuw museum te bewonderen. Het gaat na 10 jaar eindelijk weer om de kunst bij het Rijksmuseum.

STER Reclame