Woningcorporaties moeten mogelijk nog meer meebetalen aan de redding van corporatie Vestia. Deze saneringsbijdrage komt bovenop de 675 miljoen euro die de corporaties de komende 10 jaar samen moeten ophoesten om Vestia overeind te houden. Dat schrijft demissionair minister Spies van Binnenlandse Zaken in een brief aan de Tweede Kamer (pdf).

Vestia zit in grote financiële problemen wegens speculatie met derivaten. De corporatie wil een schuld van ruim 2 miljard euro aflossen door de komende jaren onder meer 15.000 woningen te verkopen. Tot nu toe verliep dat moeizaam, maar vandaag werd bekend dat twee corporaties in Rotterdam enkele projecten van Vestia in die stad overnemen.

Effect onvoldoende

Volgens de financieel toezichthouder, het Centraal Fonds Volkshuisvesting (CFV), is desondanks "het totale effect van de maatregelen mogelijk onvoldoende voor een structureel financieel herstel van Vestia. Derhalve valt niet uit te sluiten dat verdere sanering van de corporatie nodig zal zijn."

Bij een eventuele extra heffing zal minister Spies bekijken of het mogelijk is rekening te houden met de bijdrage die andere corporaties leveren aan de redding van Vestia. Corporaties die bereid zijn bezit of investeringen van Vestia over te nemen, hoeven minder heffing te betalen. Om welk bedrag het eventueel zal gaan, is nog niet bekend.

'Goede vorderingen'

Vestia laat in een reactie weten 'goede vorderingen te maken' met de uitvoering van de maatregelen uit het verbeterplan. Zo is onder andere een begin gemaakt met de verkoop van woningen. "De taakstelling voor dit jaar van 500 woningen wordt ruim gehaald. Gesprekken met andere corporaties en met beleggers over de verkoop van gehele woningcomplexen zijn gaande", aldus Vestia.

Behalve aan Vestia, moeten corporaties de komende jaren ook aan het Rijk geld afdragen via een verhuurdersheffing. Die loopt op van 45 miljoen in 2013 tot 1,2 miljard euro in 2017.

STER reclame