Het huis waar de Schotse schrijver Arthur Conan Doyle dertien Sherlock Holmes-verhalen schreef, blijft behouden. Een Britse rechter oordeelde dat er fouten zijn gemaakt bij het verlenen van de vergunning om het gebouw op te delen en deels te slopen.

Conan Doyle woonde van 1887 tot 1907 in het Victoriaanse landhuis Undershaw in Surrey. Hij voltooide er onder meer 'The Hound of the Baskervilles', een van de beroemdste verhalen over de scherpzinnige detective. Ook ontving hij er collega's als J.M. Barrie, schrijver van Peter Pan, en Dracula-auteur Bram Stoker.

Vervallen

Na het vertrek van Conan Doyle werd het huis omgebouwd tot hotel. Toen dat in 2005 sloot, kwam Undershaw leeg te staan en raakte het in verval.

Toen een aannemer in 2010 plannen presenteerde om het gebouw op te knappen en op te delen in acht woningen, klonk er protest van Sherlock Holmes-fans. Er kwamen 1300 klachten binnen over het besluit, waaronder brieven van programmamaker Stephen Fry en Julian Barnes, wiens roman 'Arthur and George' zich op Undershaw afspeelt.

Museum?

Critici wezen erop dat er na 80 jaar gebruik als hotel weinig sporen van Conan Doyle meer te vinden zijn in het huis. Bovendien is er een ander adres dat hem echt beroemd maakte, namelijk 221B Baker Street in Londen waar Sherlock Holmes woonde. De rechter oordeelde echter dat er niet goed rekening was gehouden met de historische waarde van het huis in Surrey.

Wat er nu met Undershaw gaat gebeuren, is nog niet bekend. De liefhebbers van Conan Doyle hopen dat het gebouw in oude staat zal worden hersteld om er een museum te vestigen. Het is nog onduidelijk of dat plan kans van slagen heeft.

STER reclame