EK 2004: knotsgek toernooi

Aangepast op

Het Europees Kampioenschap van 2004 kent een verrassende organisator (Portugal) én een verrassende winnaar: Griekenland. Nederland vecht zich door de groepsfase en strandt uiteindelijk in de halve finales.

door Bert Schabbink

Het EK voetbal is na de eeuwwisseling uitgegroeid tot één van de grootste sportevenementen ter wereld. Alleen het WK en de Olympische Spelen overstijgen het continentale voetbalkampioenschap qua marketing en populariteit. De schaalvergroting brengt ook problemen met zich mee. De kalender is voor de topspelers overvol en diverse bonden en topclubs willen een andere opzet van het EK. Aparte voorronden voor de 'kleine' voetballanden bijvoorbeeld. Maar de kleintjes laten zich niet zomaar wegdrukken, zo blijkt als het EK van 2004 aan een land moet worden toegewezen.

Dat het EK van 2004 in Spanje wordt gehouden lijkt op voorhand slechts een formaliteit. Het land beschikt over capabele stadions en de juiste infrastructuur. Bovendien heerst er een goede voetbalcultuur. Een voetbalzomer doorbrengen in Madrid, Barcelona, Valencia of Sevilla; een mooier vooruitzicht is er toch niet?

Miljoenenbal

De andere kandidaten voor de EK-organisatie, Portugal en Oostenrijk/Hongarije, wanen zich bij voorbaat al kansloos. Maar als de grote voetballanden (Frankrijk, Italië, Duitsland en ook Nederland) met het voorstel komen om de EK-kwalificatie te 'verrijken' met voorronden, slaat de stemming om. Ook de Champions League kent zo'n systeem en dat is een miljoenenbal geworden waarvan vooral de grote clubs en landen profiteren.

De kleintjes zetten de hakken in het zand en slaan op 11 oktober 1999 hard terug. Niet Spanje krijgt de EK-organisatie toegewezen, maar Portugal. Op ondubbelzinnige wijze is duidelijk geworden dat geld en grootte niet alles kunnen bepalen.

Frankrijk wint alles

Echt grote verrassingen blijven uit in de tien kwalificatiegroepen. Of het moet groep 6 zijn, waarin Griekenland boven Spanje eindigt. Oranje moet zich, net als Spanje, uiteindelijk via de play-offs zien te kwalificeren. De ploeg van Dick Advocaat redt het niet ten opzichte van de sterke Tsjechen. Opvallend is de prestatie van regerend Europees kampioen Frankrijk dat als enige alle kwalificatieduels (acht stuks) wint.

De vijf ontmoetingen in de play-off's leveren ook één verrassing op. Letland slaagt erin om zich voor het EK te kwalificeren door de nummer drie van het WK 2002, Turkije, te verslaan. "We waren derde van de wereld, nu zijn we Derde Wereld", jammert de Turkse pers. Spanje laat zich niet in de luren leggen door Noorwegen. Oranje verliest in Schotland met 1-0 en een lastige return dreigt. Maar in Amsterdam is het bij rust al 3-0 en wordt het uiteindelijk 6-0.

Knotsgek toernooi

Als op 12 juni 2004 gastland Portugal en Griekenland klaarstaan voor de openingswedstrijd kan niemand bevroeden dat er wordt afgetrapt voor een knotsgek toernooi. De eerste sensatie is er al na anderhalf uur, want Griekenland wint met 2-1 van Portugal. De Grieken spelen vervolgens gelijk tegen Spanje en gaan onderuit tegen Rusland. Maar omdat Spanje de laatste groepswedstrijd tegen aartsrivaal Portugal verliest, gaan Portugal en Griekenland door naar de kwartfinale.

In groep B verloopt alles zoals verwacht. Frankrijk en Engeland plaatsen zich bij de laatste acht ten koste van Kroatië en Zwitserland. De kenners vertrouwen erop dat Italië in groep C eenvoudig gaat afrekenen met Zweden, Denemarken en Bulgarije. Maar tegen Zweden en Denemarken komt Italië niet verder dan een gelijkspel. En dan zitten de Italianen ineens in een lastig parket. Als Zweden en Denemarken met 2-2 gelijkspelen, is Italië gezien. En wat heel Italië vreest, dat gebeurt. Bij Zweden-Denemarken schiet Mathias Jonson in de allerlaatse seconde de 2-2 binnen namens Zweden. Italië huilt massaal na het 'Scandinavische pact'.

De Wissel

Nederland moet in groep D afrekenen met Tsjechië, Letland en Duitsland. Oranje komt met 1-1 tegen Duitsland goed weg. Dan volgt de wedstijd die voor altijd in het teken zal staan van 'De Wissel'. Nederland leidt tegen Tsjechië met 2-1 als bondscoach Dick Advocaat besluit om de sterk spelende Arjen Robben te wisselen. De hoon voor Advocaat is onverdraaglijk als Oranje uiteindelijk met 3-2 verliest. Nederland is zo goed als uitgeschakeld en moet hopen dat Tsjechië zijn plicht doet tegen Duitsland. Zelf klaart Oranje de klus tegen Letland redelijk eenvoudig met 3-0. De B-keus van Tsjechië stunt vervolgens door Duitsland met 2-1 te kloppen. Nederland dus bibberend door naar de kwartfinales waarin de 'grote' voetbalnaties Spanje, Italië en Duitsland ontbreken.

En na twee kwartfinales zijn er helemaal geen voetbalmastodonten meer bij. Eerst sneuvelt Engeland na strafschoppen tegen Portugal. Doelman Ricardo kroont zich tot held door zelf de beslissende penalty erin te schieten. Griekenland blijft verrassen want ook Frankrijk loopt zich stuk op de stugge Grieken. Fit, fysiek, massief en onverzettelijk houden de Grieken stand nadat Angelos Charisteas de 1-0 heeft binnengekopt.

Nederland-Zweden is een saaie pot, die zonder doelpunten op strafschoppen afkoerst. Na de drama's op het WK van 1998 en het EK van 2000, toen Nederland in de halve finales werd uitgeschakeld na penalty's, loopt het nu wel goed af. Tsjechië wint van Denemarken met 3-0 en is na die eenvoudige zege de nieuwe titelfavoriet.

Blauwe muur

Ook in de halve finale tegen Portugal maakt Nederland niet echt indruk. Portugal is iets sterker en wint dan ook verdiend met 2-1. De Portugezen houden er eigenlijk alleen maar rekening mee dat een dag later Tsjechië de tegenstander in de finale zal worden. 'Het zal toch wel een keer ophouden met die gekke Grieken', zo is de algehele opinie. Maar ook de Tsjechen lopen zich stuk op de blauwe muur. Diep in de verlenging zorgt verdediger Dellas voor weer een nieuwe stunt.

Aan de Portugese bondscoach Luiz Felipe Scolari de schone taak om een tactiek te bedenken die de Grieken kan bedwingen. Maar ook Otto Rehhagel, trainer van Griekenland, heeft niet stilgezeten. Want de absolute outsider begint de finale verrassend. Was het tot-nog-toe vooral gebaseerd op tegenhouden, tegen Portugal speelt Griekenland ver van de eigen goal. De Portugezen zijn duidelijk verrast na de sterke opening van de Grieken en komen daar eigenlijk de hele wedstrijd niet meer overheen. De absolute outsider beseft gaandeweg dat er wat te halen valt. In de 57ste minuut gebeurt het onvoorstelbare: Angelos Charisteas werkt de 1-0 binnen namens de Grieken. Portugal raakt, net als de rest van Europa, in een shock waar het niet meer uitkomt.

Na de stunts van Turkije en Zuid-Korea op het WK van 2002 (allebei halve finalisten), zorgt nu Griekenland voor een wonder. Het internationale topvoetbal is totaal onvoorspelbaar geworden.