Winnaar Prins Claus Prijs wil klein blijven

Aangepast

Door buitenlandredacteur Esther Bootsma

"100.000 euro! Het eerste wat ik dacht, was: wat ga ik met dat geld doen? Het tweede: daar gaat mijn pseudo-radicale imago", lacht Ntone Edjabe. Hij is met zijn woeste zwarte baard en groene muts een opvallende verschijning in het chique Hotel de l'Europe in Amsterdam.

De oprichter van het Afrikaanse magazine Chimurenga krijgt vandaag in aanwezigheid van koningin Beatrix, prins Willem-Alexander en prinses Máxima de Prins Claus Prijs. Het is een jaarlijkse prijs van een ton voor een kunstenaar, intellectueel of organisatie uit Afrika, Azië of Latijns-Amerika.

Het Engelstalige culturele magazine Chimurenga, wat vrijheidsstrijd betekent, bestaat nu bijna tien jaar. Het is lastig uit te leggen wat het is. Geen gewoon tijdschrift, maar verschillende soorten publicaties die onregelmatig verschijnen. Soms is het een krant, dan een boek, dan weer een openbare sessie, afhankelijk van het thema.

Hoogdravend

De jury van de Prins Claus Prijs schreef: "Chimurenga volgt de hedendaagse Afrikaanse realiteit op een originele manier. Toonaangevende creatieve en radicale denkers publiceren hun interpretaties, analyses, poëzie, experimentele teksten en beelden".

Dat klinkt hoogdravend en dat is het ook. "Er bestaat een hardnekkig idee dat alles wat uit Afrika komt simpel moet zijn", zegt Edjabe. "Populair, eenduidig, zonder diepgang. Elke poging om enige complexiteit te bereiken, stuit op onbegrip. Mensen vragen me: Waarom schrijf je over verbeelding? We willen lezen over voetbal."

De artikelen in Chimurenga zijn vaak filosofisch en literair. Taboedoorbrekend, schreef de jury, maar daar is Edjabe het niet mee eens. "Wij stellen alleen dingen ter discussie. Ons nummer over homoseksualiteit ging niet over een taboe. Want het is onzin dat homoseksualiteit on-Afrikaans zou zijn. Mensen van gelijk geslacht hebben hier al eeuwen seks met elkaar."

Heel Afrika

De jury eert het magazine vooral vanwege de pan-Afrikaanse gedachte. "Chimurenga richt zich op Afrika als geheel. Dat vonden wij mooi", zegt jury-voorzitter Peter Geschiere. "Want niet alleen in Europa, ook in Afrika zie je mensen steeds nationalistischer worden, banger voor anderen. In Zuid-Afrika heeft dat geleid tot vreselijke uitbarstingen van geweld tegen Afrikaanse migranten."

Ntone Edjabe werd zelf geboren in Kameroen, studeerde in Nigeria en woont sinds 1993 in Zuid-Afrika. "Je merkt dat Zuid-Afrikanen heel anders over zichzelf denken dan over de rest van Afrika. Ze kijken op ons neer, omdat we armer zijn, maar zijn ook jaloers, omdat ze zichzelf niet zulke pure Afrikanen vinden als wij."

Zijn idee voor het magazine ontsproot op een markt in Kaapstad die Edjabe zelf heeft opgezet. Een lawaaierig pakhuis vol Afrikaanse maskers, houten giraffen en snuisterijen. Deze Panafrican Market werd een soort cultureel vluchtelingencentrum voor kunstenaars uit heel Afrika.

Maakbare wereld

"We ontmoetten elkaar, dronken bier, aten Afrikaans voedsel en voerden discussies. Maar als journalist wilde ik meer diepgang. Ik wilde een plek waar ik mijn literaire stukken kwijt kon. Dus begon ik een blad voor mezelf en daar kwamen steeds mensen bij. Wat we gemeen hebben, is dat we geloven dat de wereld maakbaar is en dat wij als Afrikaanse intellectuelen daar een bijdrage aan kunnen leveren."

Niet elk artikel is even toegankelijk, erkent de juryvoorzitter van de Prins Claus Prijs. "Er zitten teksten bij die zo abstract zijn dat je denkt: moet dat nou? Maar tegelijk waarderen we het dat intellectuelen uit Afrika dingen schrijven waar wij in het Westen moeite voor moeten doen om ze te begrijpen."

Prijzengeld

De jury is vooral te spreken over de vormgeving van Chimurenga, over het fraaie beeldgebruik. De verspreiding van het magazine laat te wensen over, vindt de jury. Het blad wordt maar in een oplage van 2500 exemplaren gedrukt en is alleen in Kenia, Nigeria en Zuid-Afrika verkrijgbaar. "We hopen dat Edjabe met het prijzengeld iets doet waardoor hij een breder publiek krijgt", zegt Geschiere.

"Misschien koop ik er wel een mooie auto voor", grapt Edjabe. Meer exemplaren drukken lijkt hem een "verspilling van papier". "Ik ben tevreden met mijn publiek, dat heel divers is: van academici en politici tot arme jazzkunstenaars die in ons blad bredere kennis opdoen over jazz."

Waarom zet hij de artikelen dan niet op de website Chimurenga, zodat iedereen ze kan lezen? "Dat doen wij juist bewust niet. De website zien we als aanvulling, een plek waar we de thema's, de schrijvers en achtergronden kunnen toelichten."

De publicaties zelf moeten als het ware exclusief blijven. Een soort clubblad, dus? "Ja", lacht hij. "Maar wel van een goede club. Wij blijven het op onze manier doen, omdat wij niet voorspelbaar willen zijn."

STER Reclame