Miljoenenfraude bij cameramaker Olympus

time icon Aangepast

De Japanse camerafabrikant Olympus heeft toegegeven jarenlang gesjoemeld te hebben met cijfers. Het bedrijf heeft meerdere malen verliezen op investeringen verborgen door die op te voeren als kosten bij overnames.

Zo nam Olympus in 2008 het Britse bedrijf Gyrus over voor 2,2 miljard dollar. Van dat bedrag ging 687 miljoen dollar zogenaamd naar een bedrijf dat advies had gegeven over de overname. In werkelijkheid werd op die manier een verlies afgeschreven.

Adviseurs krijgen bij een overname normaliter 1 tot 2 procent van het overnamebedrag, in dit geval ging het om meer dan 30 procent. Dezelfde truc paste het bedrijf toe bij overnames van een aantal Japanse ondernemingen.

Volhouden

Het boekhoudschandaal kwam aan het licht toen Olympus voor het eerst in zijn geschiedenis een niet-Japanse bestuursvoorzitter kreeg. Op 1 oktober werd de Brit Michael Woodford de baas bij het concern.

Woodford werd op 14 oktober alweer ontslagen, officieel omdat hij de Japanse cultuur en managementstijl niet begreep. Maar eigenlijk was het omdat Woodford de fraude op het spoor was en wilde dat er onderzoek naar gedaan werd.

Na zijn ontslag begon Woodford een campagne om Olympus tot openheid te bewegen. Het bedrijf hield tot vandaag vol dat er niks raars was aan de overnametransacties.

Verantwoorden

Door het schandaal heeft de cameramaker 70 procent van zijn beurswaarde verloren, zo'n 6 miljard dollar.

Het is zeer waarschijnlijk dat bestuurders van het bedrijf zich voor de rechter moeten gaan verantwoorden voor de fraude. Ook verliest Olympus mogelijk zijn notering op de beurs van Tokio.

STER Reclame