Hoe staat het met de Arabische lente?

tijd van publicatie Aangepast

De afgelopen maanden werd duidelijk hoe moeilijk het is om een dictatuur te verdrijven. De stand van zaken in de verschillende landen in de regio.

Tunesië

Het was de groenteverkoper Mohammed Bouazizi die, uit frustratie over zijn leven en gebrek aan kansen, zichzelf op 17 december in brand stak en daarmee een revolutie ontketende. Vlak na zijn dood groeide het protest tegen het regime van president Ben Ali.

Aanvankelijk probeerde Ben Ali met geweld de protesten te onderdrukken, maar al gauw bleek dat niet te werken. De protesten stopten pas toen de dictator, onder druk van het leger, met zijn familie naar Saudi-Arabië vluchtte. De interim-regering in Tunesië eist van Saudi-Arabië zijn uitlevering om de voormalige president te kunnen berechten. Het land zelf wacht intussen op de eerste echte vrije verkiezingen. Deze zouden in juni plaatsvinden, maar er wordt ook rekening mee gehouden dat het pas juli zal worden.

Egypte

Meteen na Tunesië volgde tot ieders verrassing Egypte. Wekenlang stond het Tahrirplein in Caïro wereldwijd in het middelpunt van de belangstelling. Tienduizenden Egyptenaren gingen de straat op om te demonstreren tegen het regime van de Egyptische president Hosni Mubarak. Uiteindelijk zwichtte Mubarak en gaf hij op 11 februari zijn positie op. Wat niemand voor mogelijk hield, gebeurde toch.

Na het vertrek van Mubarak bleven de demonstranten protesteren, omdat er nog altijd leden van het oude regime aan de macht waren. Met succes. Mubarak, zijn twee zonen en zijn vrouw zitten inmiddels vast. Ook lopen er processen tegen andere ministers die gediend hebben onder Mubarak.

Op dit moment is er van democratie nog geen sprake, want het leger is nu aan de macht. Maar vrije verkiezingen worden voorbereid. Waarschijnlijk mogen de Egyptenaren in november een nieuwe president kiezen. Twee maanden daarvoor mogen ze al naar de stembus voor een nieuw parlement.

Libië

Na Mubarak zou het slechts een kwestie van tijd zijn voordat de Libische leider Muamar Kadhafi zou opstappen. Niets bleek minder waar. Zelfs de NAVO kan er tot nu toe niet voor zorgen dat Kadhafi opstapt. De opstandelingen hebben inmiddels een groot deel van het land in handen, maar weten de laatste weken geen terreinwinst meer te boeken.

Het tij lijkt voorzichtig te keren. Inmiddels is de westelijke havenstad Misrata, waar wekenlang hevig is gevochten, in handen gevallen van de opstandelingen. De Europese Unie kondigde vorige week aan een kantoor te openen in Benghazi, de 'hoofdstad van de opstandelingen'. Italië, Frankrijk, Qatar en de Verenigde Arabische Emiraten hebben formeel de Libische overgangsregering erkend.

Syrië

In Syrië wordt geprotesteerd tegen president Bashar al-Assad. De protesten worden tot nu toe keihard neergeslagen door Syrische regeringstroepen. Er zouden al meer dan 750 doden zijn gevallen. Duizenden mensen zijn gevangen genomen. Marteling zou aan de orde van de dag zijn.

Dat stopt de protesten tot nu toe niet. Nog steeds gaan bijna dagelijks duizenden Syriërs de straat op met gevaar voor eigen leven. Maar hoe groot de protesten zijn, is moeilijk te zeggen. Persvrijheid bestaat er niet en buitenlandse journalisten worden niet toegelaten. Daardoor is informatie uit het land niet of nauwelijks te verifiëren.

De al-Jazeera journaliste Dorothy Parvaz is een van de journalisten die werden opgepakt toen ze verslag wilde doen van de protesten. In een interview met haar werkgever vertelt ze over haar angstaanjagende tijd in een Syrische gevangenis.

In tegenstelling tot in Egypte en Libië komt de internationale gemeenschap nog niet echt tot actie. President Obama van de VS zou ernaar neigen het regime van al-Assad onrechtmatig te noemen.

Jemen

Ook Jemen ontkomt niet aan de Arabische lente. Veel inwoners hebben genoeg van de heerschappij van president Ali Abdullah Saleh die al sinds 1979 aan de macht is. Ze eisen dat hij opstapt.

Aanvankelijk hield Saleh vast aan zijn termijn, die pas in 2013 afloopt. Maar in april gaf de president aan direct te willen opstappen in ruil voor immuniteit. Dat is echter nog niet gebeurd. De protesten blijven ondertussen doorgaan, ook al worden ze hardhandig neergeslagen en vallen er bijna dagelijks doden.

Bahrein

Bahrein leek lange tijd het voorbeeld van Tunesië te volgen. In het ministaatje ontstonden protesten tegen de koninklijke familie. De noodtoestand werd afgekondigd en er werden Saudische troepen ingevlogen om de orde met harde hand te herstellen. Zeker dertig mensen werden gedood, honderd gearresteerd. Inmiddels lijkt de rust wedergekeerd en wordt de noodtoestand volgende maand weer opgeheven. De machthebbers hebben eventuele opstandelingen gewaarschuwd dat ze zich koest moeten houden.

STER Reclame