President Obama onderscheidde Sondheim met een eremedaille AFP

De Amerikaanse musicalschrijver Stephen Sondheim (91) is overleden. Hij was een theatervernieuwer die bij het grote publiek in Nederland onbekend bleef, hoewel iedereen werk van hem kent: van West Side Story tot Sweeney Todd en Send in the Clowns.

Nederlandse musicalacteurs popelden om hun tanden te zetten in de complexe nummers van Sondheim. Als de Shakespeare van Broadway durfde hij een ongekende psychologische diepte te geven aan zijn muziektheater. Geen wonder dat hij in de theaterwereld hoger wordt aangeslagen dan zijn collega Andrew Lloyd Webber, de grote popularisator van het genre buiten de VS.

Als kind was Sondheim met de musicalwereld in contact gekomen doordat hij na een verhuizing uit New York kwam te wonen in de buurt van musicalcomponist Oscar Hammerstein, bekend van The Sound of Music en The King and I. Sondheim raakte bevriend met zijn zoon, waarna Hammerstein al snel een surrogaatvader voor hem werd.

Geïnspireerd door Hammersteins werk en overtuigd van zijn eigen genialiteit, vroeg hij de componist op 15-jarige leeftijd een musical die hij had geschreven te beoordelen als ware het een professioneel werk. "In dat geval, antwoordde Hammerstein, is het het slechtste wat ik ooit heb gelezen", mocht Sondheim graag vertellen. "Dat was niet harteloos bedoeld, daarna ging hij woord voor woord, dialoog voor dialoog langs waarom het zo waardeloos was."

"Die middag leerde ik meer over schrijven dan in de rest van mijn leven."

Psychologische diepte

Sondheim werd als twintiger aangenomen als tekstschrijver van West Side Story, de musical die later een succesfilm werd. Hij maakte naam met nummers als America, Maria en I Feel Pretty. Het vroege succes gaf hem de vrijheid te experimenteren met de musical als kunstvorm.

Sondheim wilde Broadwayshows anders aanpakken. "Veel mensen gaan naar musicals om hun zorgen te vergeten. 'Come on, get happy'. Dat interesseert me niet. Ik hoef ze niet ongelukkig te maken, maar ik wil naar het echte leven kunnen kijken. Ik zou niet weten hoe ik het anders moet schrijven."

Het leidde in 1972 tot het baanbrekende Company, over de visie van een verstokte vrijgezel op het huwelijksleven. Het was een ongekend alledaags onderwerp voor een musical, met een vertelvorm die bestond uit losse scènes in plaats van een doorlopend verhaal. Met A Chorus Line en Cats zou dat idee van een conceptmusical later succesvol worden toegepast, de psychologische dimensie zou in Nederland de musicals van Annie M.G. Schmidt beïnvloeden.

'Hummable'

Zelf zocht Sondheim ondertussen nieuwe uitdagingen, zoals voorstellingen over de Japans-Amerikaanse betrekkingen in de 19e eeuw, de Britse seriemoordenaar Sweeney Todd en het ontstaan van het schilderij La Grande Jatte. Een oeuvre dat volgens Leonard Bernstein het Amerikaanse equivalent van opera was. Het leverde hem een schoorsteenmantel aan Tony's en Grammy's op, naast een voor musicals zeldzame Pulitzerprijs en een Oscar voor muziek uit de film Dick Tracy.

Sondheim behaalde echter niet alleen successen, de avant-gardist kende ook dramatische mislukkingen. Al na twee weken sloot zijn deels autobiografische Merrily We Roll Along, een achteruit verteld verhaal over het showbusinessleven. Ironisch genoeg liet Sondheim hier een Broadwayproducer de hoofdpersoon waarschuwen dat musicalliedjes wel te neuriën moeten zijn, hummable. "Wanneer heeft Strawinski nou een hit gehad!?"

Het was een verwijt dat Sondheim zelf vaak te horen kreeg, dat zijn nummers te complex waren, te cerebraal, met door elkaar heen zingende personages, afwijkende maatsoorten of steeds subtiel veranderende melodieën. Sondheim liet zijn publiek niet wegdromen in hun stoelen, zijn musicals vergden niet-aflatende aandacht.

Er komt altijd een moment waarop je begrijpt waarom hij het zó heeft geschreven.

Musicalzanger Stanley Burleson

Artiesten wentelden juist in de uitdagingen van Sondheim, met nummers die als complexe uurwerken in elkaar grijpen. "Er komt altijd een moment waarop je begrijpt waarom hij het zó heeft geschreven en zó gecomponeerd", legde musicalzanger Stanley Burleson eens uit aan de NRC. "Elke pauze, elke verandering van toonsoort dient de emotie. Als je personage boos is, zit je niet in een vast ritme, dat zou niet passen bij die emotie. Alles klopt, alles is logisch."

Opvallend genoeg ontbreekt die complexiteit juist bij Sondheims enige onvervalste hitsingle: Send in the Clowns. Sondheim zelf erkende verrast te zijn toen Frank Sinatra dat nummer op de plaat zette, waarna het met vertolkingen door July Collins, Barbra Streisand, Cher en Shirley Bassey uitgroeide tot een jazzklassieker.

De zedenkomedie A Little Night Music waar het nummer in voorkwam, werd in 2019 nog opgevoerd met Paul Groot, een van de zeldzame keren dat het Nederlands publiek met Sondheim kennis kon maken. Bijna nooit kreeg hij hier kansen zoals de commercieel meer aantrekkelijke Andrew Lloyd Webber (met wie Sondheim 22 maart als verjaardag deelde), die met shows als Cats, Evita en The Phantom of the Opera het genre internationale allure gaf.

Johnny Depp en Meryl Streep

Theaterliefhebbers hier hadden voor Sondheim een speciaal plekje in hun hart, maar zijn stijl was voor het grote publiek misschien te intellectueel en elitair. En zijn nummers zijn schier onvertaalbaar met hun nauwkeurig op het metrum gecomponeerde binnenrijm en hun woordgrapjes. Zelfs verfilmingen van Sweeney Todd met Johnny Depp en Into the Woods met Meryl Streep konden daar weinig aan veranderen.

Ondanks zijn legendarische status in de Angelsaksische wereld (Broadway én de West End kennen naar hem vernoemde theaters), bleef Sondheim hier vooral een toetssteen voor ingewijden. "Andrew Lloyd Webbers musicals zullen je wel vinden", typeerde een Brits theaterjournalist eens. "Stephen Sondheims musicals liggen te wachten tot je ze ontdekt."

STER reclame