Hennie Kuiper, Keetie Hage, Gaby Minneboo, Tineke Fopma, Roy Schuiten en André Gevers na de WK van 1975 Tonny Strouken

Jarenlang hing er een lijstje op het kantoor van de Nederlandse wielerbond, met daarin een foto van zes vrolijke Nederlandse wielrenners, allen gehuld in een regenboogtrui.

Een zwartwit-foto, gemaakt in het jaar 1975, waarin door Nederland bij de wereldkampioenschappen een unieke prestatie werd neergezet. Een prestatie die in de 100 jaar die het WK nu oud is, nooit is geëvenaard.

Maar het lijstje hangt inmiddels niet meer aan de muur bij de KNWU. En beelden van dat WK blijken lastig te achterhalen. En wie kent de renners nog die zo verrassend de titels wegkaapten?

"Heel veel mensen kennen mij niet", stelt Tineke Fopma zelf al vast aan de andere kant van de lijn. Velen kennen wel die andere wereldkampioene uit Fopma's tijd, Keetie van Oosten-Hage, vooral omdat zij de naamgever is van de jaarlijkse trofee voor de beste renster van het jaar.

Maar Fopma en de kampioen bij de amateurs, Gevers? Ze komen niet voor in het collectieve geheugen.

Op zoek naar beelden

"Er was ook weinig aandacht voor dat WK. Ik ben al 46 jaar op zoek naar beelden, maar ik heb altijd begrepen dat die er niet waren. Ik zou ze heel graag zien."

Na een zoektocht blijkt dat beelden van de vrouwenwedstrijd alleen in het Polygoon-journaal werden uitgezonden. De bekende stem van Philip Bloemendal verwoordt de prestaties als volgt: ''De Nederlanders beheersten ook de koers van de professionals, waarop de Belgen zich in arren moede maar aan de patat zetten."

Bekijk hieronder de beelden uit dat Polygoon-journaal:

Drie WK-titels voor Nederland: 'België zette zich in arren moede maar aan de patat'

Een gevolg van het gebrek aan aandacht in die tijd, was dat de vrouwen nog geen gulden konden verdienen met wielrennen. "We waren amateurs. Ik studeerde ernaast nog geschiedenis en ik moest geld verdienen om te kunnen wielrennen. Het fietsen kostte mij alleen maar geld."

In 1976 voltooide Fopma, geboren en getogen in Friesland, haar studie en meteen zocht ze een baan in het zuiden van Nederland, zodat ze dichter bij de wielerwedstrijden kon wonen.

'Niet belangrijk'

De combinatie met haar werk leverde haar nogal eens problemen op. In september 1976 wilde ze weer naar het WK, maar ze kreeg aanvankelijk geen toestemming van haar baas. "De directeur van de school waar ik werkte, vond het niet dermate belangrijk dat ik daarvoor vrij kon krijgen. Terwijl ik mijn titel moest verdedigen! De bond moest mij toen helpen om hem over te halen."

Van Keetie tot Anna: de 13 Nederlandse wereldtitels op de weg

Na de wereldtitel van 1975 won ze ook nog een nationale titel, maar veel meer (grote) prijzen voegde Fopma niet toe aan haar palmares.

Dat ze met haar wereldtitel geen nationale bekendheid verwierf, is geen grote frustratie voor haar. "Ik was geen veelwinnaar. Ik moest het van mijn aanvallen hebben."

Keetie

"Hoe ik wereldkampioen werd? Er was daar een afzink en vervolgens ging het een stukje heuvelop naar de finish. Ik was pas 22 jaar en zou voor Keetie rijden. Ik stelde voor om aan te vallen, zodat de Françaises in de achtervolging moesten en Keetie daarvan zou kunnen profiteren. Maar ik ging blijkbaar zo hard, dat ze mij niet meer terug konden pakken."

100 jaar WK: dit zijn de zeven Nederlandse wereldkampioenen

Fopma kwam niet juichend over de finish. "Ik was even bang dat ik me in de rondes vergist had, maar ik had toch echt gewonnen."

'Dat hadden wij allemaal niet'

Ze kijkt tegenwoordig wel met enige jaloezie naar haar sport. "Er zijn meer disciplines op het WK. Er zijn ook klassiekers, de Tour de France, de Olympische Spelen. Die had ik allemaal graag willen rijden. Ze krijgen nu materiaal, begeleiding, voeding. Dat hadden wij allemaal niet."

"Maar ik ben wel blij dat de sport zich ontwikkeld heeft. Wij moesten zelf zorgen dat we bij de koers kwamen, vervolgens onze wedstrijd rijden en dan weer naar huis. Dat was het. Doordeweeks werkte je, 's avonds trainde je, en al je vrije tijd ging eraan op. Maar het waren de mooiste tien jaren van mijn leven."

Ondanks dat haar familie nog steeds in Friesland woont, bleef Fopma (68) altijd in het zuiden wonen. "Hier heb ik nu mijn connecties, mijn leven."

Regenboogtrui te groot

Ze is inmiddels gepensioneerd en doet vrijwilligerswerk voor museum De Meestoof in Sint-Annaland, waar dit jaar een expositie te zien is over de kampioenen uit de regio.

Ook tentoongesteld: een regenboogtrui uit 1975. Van Fopma. "De originele. Hij was veel te groot voor mij, dus ik heb 'm eigenlijk nooit aangehad."

STER reclame