Neil Sheehan aan het werk in Saigon, Vietnam, in 1963 Getty Images

Neil Sheehan, de New York Times-journalist die de befaamde Pentagon Papers in 1971 wereldkundig maakte, is op 84-jarige leeftijd overleden. Sheehan leed aan de ziekte van Parkinson.

In de vroege jaren 60 was Sheehan oorlogsverslaggever in Vietnam. Naar eigen zeggen zag hij al snel dat het "de eerste vergeefse oorlog" van de VS was.

Vervolgens werd Sheehan verslaggever in Washington D.C., maar hij bleef geïnteresseerd in de Vietnam-oorlog. Zo kwam hij in contact met Daniel Ellsberg, een oud-medewerker van het Amerikaanse ministerie van Defensie die eind jaren 60 had meegeschreven aan een vertrouwelijk rapport over de oorlog.

Pentagon Papers

Het rapport was bedoeld als bronmateriaal voor toekomstige historici, met 3000 pagina's aan analyse en originele documenten, aangevuld met 4000 bladzijdes bijlage. Uit de studie bleek dat Amerikaanse regeringen al vroeg doorkregen dat de oorlog in Vietnam niet te winnen was en dat presidenten en ministers in de jaren daarna het Amerikaanse volk en het Congres hadden voorgelogen over hun bedoelingen.

Ellsberg, die fel tegenstander van de oorlog was geworden, maakte stiekem fotokopieën van de studie en speelde die door naar journalist Sheehan, die de zaak in de openbaarheid bracht. De Pentagon Papers sloegen in als een bom en veranderden zowel de kijk op de Vietnam-oorlog als de relatie tussen de journalistiek en de overheid in de VS.

De Vietnam-oorlog is een zwarte bladzijde in de Amerikaanse geschiedenis:

De Vietnamoorlog en een van de zwartste bladzijden in de geschiedenis van de VS

Sheehan had na publicatie nooit verteld hoe het rapport van Ellsberg precies in zijn handen was gekomen. Maar toen een journalist hem in 2015 vroeg dat verhaal toch eens te vertellen, ging hij akkoord op één voorwaarde: het mocht pas gepubliceerd worden na zijn dood.

Onvoorspelbare bron

Gisteren publiceerde The New York Times het artikel. Daaruit blijkt dat Ellsberg aan Sheehan enkel toestemming had gegeven de documenten te lezen en eventueel aantekeningen te maken in Ellsbergs appartement in Boston. Hij mocht ze dus niet meenemen.

Dat zat Sheehan niet lekker, ook omdat hij Ellsberg onvoorspelbaar vond. Hij vreesde dat Ellsberg zich vroeg of laat bij de verkeerde persoon zou verspreken, waardoor de regering-Nixon lucht zou krijgen van het lek en publicatie door rechtszaken onmogelijk werd. Ook was Ellsberg zelf bang voor vervolging, waardoor Sheehan niet zeker was of hij wel toegang zou houden tot de documenten.

Dus besloot Sheehan de documenten van Ellsberg te 'stelen'. Hij greep zijn kans toen Ellsberg op vakantie ging en hij toestemming van hem had gekregen om in diens appartement in Boston de papieren te blijven bestuderen. Sheehan liet zijn vrouw overvliegen met extra koffers en kopieerde de papieren in copyshops.

Koffers vol topgeheim materiaal

Aan boord van het vliegtuig terug had het stel een extra stoel gereserveerd voor de koffers vol topgeheim materiaal. Vervolgens sloot Sheehan zich op in een hotel in hartje New York met collega's om de materie te verwerken tot krantenstukken. Ondertussen hield hij Ellsberg aan het lijntje door onder meer te zeggen dat de krant nog worstelde met hoe de Pentagon Papers precies te publiceren.

Kort voor de daadwerkelijke publicatie vroeg Sheehan bij Ellsberg of hij toch de originele stukken kon krijgen. "Voor mijn geweten, zodat hij een soort waarschuwing kreeg dat we het snel gingen brengen", zei Sheehan. Ellsberg ging akkoord, maar Sheehan had zijn verhalen toen al klaar.

Daniel Ellsberg, de bron van Sheehan, komt in 1971 uit zijn schuiladres in Boston na publicatie van de Pentagon Papers ANP

Een half jaar na de eerste publicatie in 1971 biechtte Sheehan tegen Ellsberg op hoe hij de papieren daadwerkelijk in handen had gekregen. "Dus je hebt ze gestolen, net als ik", zei Ellsberg tegen hem. "Nee", antwoordde Sheehan. "En dat heb jij ook niet gedaan. Deze documenten zijn eigendom van alle Amerikanen, die ervoor hebben betaald met overheidsgeld en het bloed van hun zoons. Ze hebben er het recht op."

Tegen The New York Times zegt Sheehan dat hij nooit wilde zeggen hoe hij aan het rapport is gekomen, omdat hij Ellsberg niet voor schut wilde zetten. In 2011 werden de Pentagon Papers officieel vrijgegeven.

STER reclame