ANP

De twee mannen die verdacht worden van het doden van Patrick van Dillenburg in 2002 hebben zeventien jaar cel tegen zich horen eisen bij de rechtbank in Amsterdam. Ze zouden hem hebben omgebracht na een mislukte ripdeal en daarna zijn lichaam hebben laten verdwijnen. De politie ging anderhalf jaar undercover om een bekentenis te krijgen.

Vooral de manier waarop de undercoveroperatie in zijn werk ging staat centraal in de rechtszaak. Het zou gaan om de omstreden Mr. Big-methode, waarbij agenten zich voordoen als criminelen om een verdachte een bekentenis te ontlokken. De methode leidde in het verleden meermaals tot kritiek, ook van de Hoge Raad..

Op de zitting van vandaag ontkende de officier van justitie dat de bewuste methode is toegepast. Het zou een 'gewone' undercoveractie zijn geweest waarbij de verdachten niet onder druk zijn gezet. Ook zou geen sprake zijn geweest van een Mr. Big, oftewel een 'grote baas'.

De Mr. Big-methode wordt bij hoge uitzondering ingezet en verloopt volgens een vast patroon. De zogenaamde criminelen houden een verdachte voor dat hij voor hen mag werken en veel geld kan verdienen. Dan moet hij wel open kaart spelen over zijn verleden bij de grote baas van de organisatie. Als de verdachte erin trapt, bekent hij dus tegenover een undercoveragent.

'Gouden bergen beloofd'

Het verweer van verdachten is achteraf vaak hetzelfde: ze voelden zich onder druk gezet en hebben een onzinverhaal opgehangen in de hoop makkelijk geld te kunnen verdienen.

Ook bij deze zaak is dat het geval. "Er zijn gouden bergen beloofd aan een verslaafde man die niets had", zegt de advocaat van een van de verdachten, Vito Shukrula. "Dan ben je in staat iets te bekennen wat je niet hebt gedaan." Volgens Shukrula is in deze zaak wel degelijk de Mr. Big-methode ingezet.

Shukrula's cliënt, Ad K., vertelde aan de undercoveragent dat hij Van Dillenburg heeft doodgeschoten en het lichaam daarna "in de shredder" heeft gegooid. Na zijn aanhouding trok hij zijn verhaal in en zei hij dat hij alles had verzonnen. Ook de tweede verdachte Fred T. ontkent. Ook zijn ze er naar eigen zeggen niet van overtuigd dat Van Dillenburg dood is, hij zou mogelijk in een ander land een nieuw bestaan hebben opgebouwd. Maar dat acht het OM uitgesloten, ook omdat hij internationaal gesignaleerd staat en er nooit een teken van leven is geweest.

Regels gevolgd

Eerder zei het OM ook al dat de regels tijdens de undercoveractie netjes zijn gevolgd en alle mogelijke risico's zijn meegewogen. Volgens het OM heeft K. meerdere keren gezegd dat hij de moord heeft gepleegd en is er meer bewijs dan alleen de undercoveroperatie.

De rechters doen op 22 maart uitspraak tegen de twee verdachten.

STER reclame