Aanklager van het Strafhof Bensouda Reuters

Het vooronderzoek naar mogelijke oorlogsmisdaden door Britse militairen in Irak wordt stopgezet. Dat schrijft de aanklager van het Internationaal Strafhof in Den Haag. Desondanks benadrukt aanklager Fatou Bensouda dat het vooronderzoek aannemelijk heeft gemaakt dat er wel oorlogsmisdaden zijn gepleegd.

In het rapport wordt vernedering van gevangenen, moord, marteling, en verkrachting door Britse militairen genoemd. Het zou gaan om minstens zeven slachtoffers van moord, zeven van verkrachting of seksuele mishandeling en 54 van marteling of vernedering. De veronderstelde oorlogsmisdaden zijn gepleegd in de periode van 2003 tot en met 2009.

Het Strafhof komt alleen in actie als de betrokken staat beschuldigingen niet kan of wil onderzoeken. De aanklager concludeert dat het Verenigd Koninkrijk dit wel heeft gedaan.

'Onvoldoende bewijs'

Er is door de aanklager geen bewijs gevonden dat de regering van het Verenigd Koninkrijk heeft aangestuurd op misdragingen. Maar het team van aanklagers concludeert wel dat fouten van toezichthouders en de militaire leiding hebben bijgedragen aan oorlogsmisdaden tegen Iraakse gevangenen.

Het Verenigd Koninkrijk heeft de beschuldigingen onderzocht en is in tien jaar tijd tot nul vervolgingen overgegaan, schrijft de aanklager. Dat betekent volgens Bensouda niet dat de beschuldigingen vals waren. "Het betekent hoogstens dat de binnenlandse onderzoeksorganen niet voldoende bewijs konden verkrijgen."

STER reclame