Keetie Hage verovert in 1976, na die van 1968 in Imola, haar tweede wereldtitel ANP

Het zal de Zeeuwse nuchterheid zijn, maar toen Keetie Hage vernam dat de WK wielrennen verplaatst waren naar Imola, verscheen er niet spontaan kippenvel op de armen. Al staat de Italiaanse stad, waar dit weekeinde de wegwedstrijden op de rol staan, wel in haar geheugen gegrift. "De Giro komt daar ook weleens. En dan denk ik wel aan toen."

Toen is het jaar 1968. Ook destijds vormde het befaamde Autodromo Enzo e Dino Ferrari het decor voor de mondiale titelstrijd. Hage sprintte er op 31 augustus, tien dagen na haar negentiende verjaardag, naar de zege en mocht zich als eerste Nederlandse vrouw in de regenboogtrui hullen.

"Een mooie herinnering, het was een leuke tijd daar", kijkt Hage terug. "Maar daarna ging het leven weer verder, hè. Ik werd natuurlijk wel overal gehuldigd, maar er was nog niet zo veel publiciteit omheen als nu. Ik heb ook bijna geen foto's uit die tijd. Een paar kleine kleurenfotootjes en wat uit de krant, meer niet."

Pink achter de bumper

In de week voor die WK op de weg had de talentvolle wielrenster zich ook al onderscheiden bij de WK op de baan. "Die WK's werden in die tijd altijd kort na elkaar gehouden. Allebei in hetzelfde land. Nee, ik had nooit een probleem met die overgang."

Dat bleek ook wel, want in Rome was ze op de achtervolging goed geweest voor brons. Ook dat was een mijlpaal. Hage was de eerste Nederlandse vrouw die eremetaal binnensleepte bij een WK baanwielrennen. Geen toevalstreffer overigens: ze zou uiteindelijk vier keer wereldkampioene worden in die discipline.

Keetie Hage op de achtervolging tijdens de WK op de baan van 1979 in Amsterdam ANP

Maar daarmee was het nog niet voorbij met alle opwinding in de aanloop naar de wegwedstrijd in Imola. "In de training werd ik geraakt door een auto die uit een uitrit kwam. Ik viel niet, maar bleef wel met mijn pink achter de bumper hangen."

Een afgescheurde pees was het gevolg. "In het ziekenhuis is alles weer aan elkaar genaaid. Ik heb er verder geen last van gehad."

Afvalwedstrijd

En dus stond ze twee dagen later met drie andere Nederlandse vrouwen aan de start voor een koers over 55 kilometer. Veel minder dan de 143 die titelverdedigster Annemiek van Vleuten en consorten vanmiddag voor de kiezen krijgen. "Van mij, en heel veel andere rensters, had het wel langer mogen zijn, maar vroeger vonden ze dat vrouwen dat niet konden."

Het parcours was ook veel minder zwaar dan Hage, die redelijk kon klimmen, had gewenst. "Dan dunt het peloton sneller uit. Maar volgens mij zijn we alleen maar op het circuit geweest. Toch bleven we uiteindelijk met een kleine groep over. Het was toch een afvalwedstrijd geworden."

Keetie Hage sprint naar de wereldtitel in 1968

Van de eindsprint herinnert Hage zich nog goed dat die lang duurde. "Ik kwam op kop, maar zag dat de finish nog ver weg was. Ik dacht: oei, als ik maar niet stilval. Maar dat gebeurde niet. Ik wilde ook graag een lange sprint, maar dit slot was wel erg spannend."

Ongeloof

Hoewel ze met een overtuigend verschil van ruim een halve fietslengte als eerste haar wiel over de meet had gedrukt, drong pas na de finish tot haar door dat de titel voor haar was.

"Ik was vol ongeloof. Ik had al veel gewonnen dat jaar en hoorde ook wel bij de favorieten, denk ik, maar ik had niet gedacht dat ik kon winnen. Er waren oudere wielrensters bij tegen wie ik opkeek. De Britse Beryl Burton bijvoorbeeld, de wereldkampioene van het jaar ervoor, en Elsy Jacobs en nog een paar snelle Belgische sprintsters."

Keetie Hage in 1975 na een van de twintig Nederlandse titels die ze veroverde ANP

Haar doorbraak wil de Zeeuwse, die tot haar onvrede na haar huwelijk met Rien van Oosten in de pers plots als Van Oosten-Hage door het leven ging, de gouden race niet noemen. "Ik zat al snel bij de top. De Nederlandse meisjes konden nooit tegen de buitenlanders op, maar bij mijn eerste wedstrijd in het buitenland werd ik tweede achter oud-wereldkampioene Marie-Rose Gaillard."

Hage was bij dat eerste internationale succes, in 1966, nog maar zeventien jaar. In datzelfde jaar reed ze zich bovendien als eerste Nederlandse in de prijzen bij een WK. Op de Nürburgring in Duitsland - ook een racecircuit dus - pakte ze zilver.

Trofee

In totaal stond ze acht keer op het WK-podium na de wegwedstrijd: 2x goud, 3x zilver en 3x brons. De tweede wereldtitel behaalde ze in 1976 in het Italiaanse Ostuni. "Ik werd dat jaar uitgeroepen tot beste Nederlandse wielrenner van het jaar, maar Gerrit Schulte vond het niks dat een trofee met zijn naam bij een vrouw terechtkwam."

En dus werd dat jaar de Keetie van Oosten-Hage Trofee in het leven geroepen, voor de beste Nederlandse wielrenster van het jaar. De eerste drie jaar werd ze zelf eigenares van het beeldje.

Marianne Vos ontvangt in 2014 de Keetie van Oosten-Hage-trofee uit handen van de naamgeefster ANP

Hage, die in 1976 en 1978 werd uitgeroepen tot Sportvrouw van het Jaar, hoopt vanmiddag de slotfase van de vrouwenwedstrijd in Imola te kunnen aanschouwen. "We zijn eigenlijk de hele dag weg. Ik schakel trouwens meestal pas later in, om de laatste 30 kilometer te zien."

Natuurlijk hoopt ze op een Nederlands succes, maar ook dan heeft ze een voorkeur. "Marianne Vos is altijd mijn favoriet geweest. In de eerste plaats omdat ze erg sympathiek is, maar ook omdat ze heel allround is. Ze is inmiddels wel wat minder dan vroeger, maar ik hoop echt dat zij wint."

Nederlandse wereldkampioenen op de weg

1968, Imola Keetie Hage
1975, Yvoir Tineke Fopma
1976, Ostuni Keetie Hage
1979, Valkenburg Petra de Bruin
1991, Stuttgart Leontien van Moorsel
1993, Oslo Leontien van Moorsel
2006, Salzburg Marianne Vos
2012, Valkenburg Marianne Vos
2013, Florence Marianne Vos
2017, Bergen Chantal Blaak
2018, Innsbruck Anna van der Breggen
2019, Harrogate Annemiek van Vleuten

STER reclame