Restaurator Renske Dooijes bij de sarcofaag RMO Leiden

De Sarcofaag van Simpelveld wordt uit elkaar gehaald voor een grote restauratie. Het is voor het eerst dat dat gebeurt met het topstuk van het Rijksmuseum van Oudheden in Leiden.

"Het is een heel grote, ingewikkelde klus. Dit doen we niet dagelijks", zegt restaurator Renske Dooijes. "Ik heb normaal alleen te maken met kleinere objecten van steen."

"Het is wel een beetje spannend. De kist is van zandsteen en dat is een zwakke steensoort, die makkelijk brokkelt. Maar ik heb vertrouwen in de gespecialiseerde bedrijven waar we mee werken, die kennen de risico's van het verplaatsen van zo'n zwaar stuk. En we houden alles goed in de gaten."

Kijkje in het verleden

De 1700 jaar oude sarcofaag van 2,5 meter lang is zo'n 800 kilo zwaar. Hij werd in 1930 toevallig gevonden bij bouwwerkzaamheden. Hoewel hij in enkele stukken gebroken was, bleek een sierlijk gebeeldhouwde binnenkant verrassend goed bewaard. Op een reliëf is een Romeinse huiskamer afgebeeld met de overledene.

"Het is een uniek object", zegt Dooijes. "Door die binnenkant komen we meer te weten over hoe een Romeins huis eruitzag. De meubels zijn buitengewoon gedetailleerd afgebeeld, tot een sleutelgat in een kastje aan toe."

In de kist werden de resten gevonden van een welgestelde vrouw en grafgiften als een parfumfles, gouden sieraden en een zilveren spiegel. Enige jaren later werden in een buurt van de vindplaats resten van een Romeinse villa gevonden.

Mortel verwijderen

Voor de restauratie zal Dooijes allereerst oud herstelwerk ongedaan moeten maken: breuklijnen zijn in het verleden bijgewerkt met mortel. "Dat lijkt op het zandsteen van de kist, maar het water waar mortel mee gemaakt wordt, trekt in de poreuze steen. Daardoor zet vuiligheid of kleurresten zich als een rand vast verderop in de steen. Die verkleuring is heel storend."

Boenen met water is daarom uitgesloten. "We denken aan droge methodes, zoals gummen of gels die heel licht vocht afgeven en meteen weer opnemen. Daar gaan we eerst tests mee doen."

Daarnaast wordt het houten frame waar de kist al bijna een eeuw op rust vervangen voor een stalen versie. Dat moet het makkelijker maken het gevaarte zonder beschadiging te verplaatsen. "Het houten frame is te beweeglijk. Doordat de kist zo ongelofelijk zwaar is, kon er zo door frictie schade ontstaan langs de breuklijnen."

Eerst worden vandaag röntgenfoto's genomen om te kijken of Dooijes' voorgangers de kist gezekerd hebben door er metalen pennen in te boren. "Zoiets zouden we vandaag nooit meer doen, maar in het verleden was dat gangbaar voor zo'n loodzwaar ding. Het zou vervelend zijn; dan wordt het nog een klus om die pennen te verwijderen. Maar wie weet hebben we geluk."

Drolletje

Dooijes en haar collega's grijpen de restauratie ook meteen aan om extra onderzoek te doen. Zo wordt gekeken of er misschien pigmentresten zijn achtergebleven, die erop wijzen dat het reliëf vroeger gekleurd was. Ook wordt zorgvuldig gekeken naar een klompje metaal dat aan het steen is vastgeroest.

"We hopen dat er textielresten te vinden zijn in dat 'drolletje'", zegt Dooijes. "Het is waarschijnlijk een mesje. Je kunt nog het randje zien waar het heeft gelegen, dat is uitgewerkt in een meubelstuk. Het zou leuk zijn als we daar straks iets meer over weten."

Omdat de sarcofaag te zwaar is om te verplaatsen, gebeurt de restauratie op zaal. Doordat de restauratoren in een glazen ruimte werken, kunnen bezoekers meekijken. Het werk zal ongeveer tot januari volgend jaar duren.

"Al weet je nooit wat je gaat tegenkomen. Het werk kan tegenvallen of meevallen. En als je pech hebt, dan kun je er zomaar veel langer mee bezig zijn."

STER reclame