ANP

Het aantal gemeenten met een verbod op het oplaten van ballonnen is het afgelopen jaar verdubbeld. Vorig jaar gold in 17 procent van de gemeenten een verbod, inmiddels is dat 41 procent. Dat blijkt uit onderzoek van Stichting De Noordzee.

De afgelopen twee jaar ziet de organisatie een omslag in het ballonnenbeleid van Nederlandse gemeenten. In 2018 was er in 5 procent van de gemeenten een oplaat-verbod.

De milieuorganisatie zet zich in voor een totaalverbod, omdat dieren het afval voor voedsel aanzien en verstrikt raken in de ballonlinten.

Friesland koploper

Friesland kent de meeste verboden. In 14 van de 18 gemeenten is het oplaten niet toegestaan. De overige vier gemeenten voeren een ontmoedigingsbeleid, bijvoorbeeld door een ontheffings- of meldingsplicht.

De stichting ziet een sterk verschil in beleid tussen de kustprovincies en het binnenland. Ook Groningen, Zeeland, Noord- en Zuid-Holland scoren boven het landelijk gemiddelde. Limburg kent met 13 procent het laagste percentage verboden.

Gezonde Noordzee

Ewout van Galen, programmaleider Schone Zee van Stichting de Noordzee, noemt de toename in verboden fantastisch. "Zij dragen bij aan een schone en gezonde Noordzee, want elke ballon die de lucht in gaat, komt ook weer naar beneden." Gemiddeld liggen er elf 'ballonresten' op honderd meter strand, blijkt uit onderzoek van de stichting in opdracht van Rijkswaterstaat.

Op een interactieve kaart van de stichting is te zien wat voor ballonnenbeleid Nederlandse gemeenten voeren.

STER reclame